Katholieke basisschool
  de  Kameleon

 

 

Start
hoogbegaafd

 

schoolgids 2010

EEN  WOORD VOORAF  

 INFORMATIE SCHOOLJAAR 2010-2011 

1.     DE SCHOOL

2.     WAAR DE SCHOOL VOOR STAAT

3.     DE ORGANISATIE VAN SCHOOL EN ONDERWIJS

4.     DE ZORG VOOR KINDEREN

5.     DE LEERKRACHTEN

6.   VEILIGHEID EN WELBEVINDEN

7.     DE OUDERS

8.     DE ONTWIKKELING VAN HET ONDERWIJS IN DE SCHOOL

9.     DE RESULTATEN VAN HET ONDERWIJS

10.  LEERPLICHT

11.   DIVERSEN

EEN  WOORD VOORAF     

Beste ouder(s), verzorger(s),  

Vanuit het ministerie van Onderwijs, Cultuur & Wetenschappen zijn instrumenten voor kwaliteitsbeleid van scholen ontwikkeld. De schoolgids is daar een voorbeeld van.

Onze school geeft met ingang van het schooljaar 1997-1998 een schoolgids uit. In de schoolgids vindt u alle benodigde informatie die betrekking heeft op de gang van zaken in onze school. De gids bestaat uit een algemeen gedeelte en (als jaarlijkse bijlage) een deel dat specifiek betrekking heeft op een bepaald schooljaar. Jaarlijks wordt de inhoud van de schoolgids, na instemming van de Medezeggenschapsraad, opnieuw vastgesteld. Alle ouders ontvangen jaarlijks van de aanpassingen en aanvullingen een bijlage. Op onze website vindt u altijd de meest actuele informatie.  

Bij het samenstellen van de schoolgids heeft ondermeer hetgeen ouders ingevuld hebben bij de ouderenquête van april 2008, als leidraad gediend. Datgene wat u als ouder(s) belangrijk vindt om een verantwoorde keuze te maken voor een school voor uw kind(eren), vindt u in deze schoolgids terug. Veel waarde hecht u aan informatie over:

§         wat karakteristiek is voor de school, wat de prioriteiten van de school zijn;

§         de aanpak van het lees-, taal- en rekenonderwijs;

§         de wijze waarop alle kinderen van de school begeleid worden bij het leren;

§         de verschillende soorten van speciale hulp die de school kan bieden voor leerlingen met leer- en gedragsproblemen;

§         de wijze waarop u betrokken kunt raken bij het onderwijs van uw kind(eren);

§         hoe leerlingen en ouders moeten worden voorgelicht bij de overgang van basisonderwijs naar voortgezet onderwijs  

Het kiezen van een juiste basisschool is niet altijd even makkelijk. U kiest immers voor een langere periode van contact met mensen en een vorm van onderwijs, die u aanspreekt en waarvan u vindt dat het bij uw kind(eren) past. Van ouders die voor hun kind onze school kiezen, verwachten wij dat zij onze doelstellingen en uitgangspunten onderschrijven.

Wij hopen dat deze schoolgids u behulpzaam kan zijn bij het maken van die keuze en tevens hopen wij dat u, als uw keuze op onze school is gevallen, achteraf kunt concluderen dat het een goede keuze is geweest.  

Mocht u naar aanleiding van de inhoud vragen en/of opmerkingen hebben, dan kunt u altijd bij de directie van de school terecht.  

Een vriendelijke groet,

het team van katholieke basisschool ‘De Kameleon’ .

 

INFORMATIE SCHOOLJAAR 2010-2011

De school

De Kameleon

(locatie Duivenkamp)                                                (locatie Kamelenspoor)

Duivenkamp 549                                                       Kamelenspoor 81

3607 BL  Maarssen                                                   3605 ED  Maarssen

Tel. 0346-567697                                                    tel. 0346-567470

 

e-mail:  administratie@kameleon-maarssen.nl 

website  : www.kameleon-maarssen.nl

Directie         

Hans Redeke   directeur         tel. privé 0346-567869

TEAMLEDEN

Groepsleerkrachten

Groep

Naam leerkracht

locatie

1 – 2

Natasja Ridder (ma, di)

Ingrid Boamah-Kuiken (wo, do, vr)

Duivenkamp

1 – 2

Tineke Wesenaar (ma, di, wo, do)

Natasja Ridder (vr)

Duivenkamp

1 – 2

Anneke van Elburg  

Kamelenspoor

1 – 2

Riet de Vries

Kamelenspoor

3a

Annemarie Kooijman   (ma, di, wo, do)

Linda de Graaf  (vr)

Duivenkamp

3b

Monique van Oosterom

Kamelenspoor

4a           

Brigitte van Wiggen

Duivenkamp

4b

Allan van Limbeek

Kamelenspoor

5a

Nel Haagsma (ma, di)

Nanda Moes (wo, do, vr)

Duivenkamp

5b / 6b

Miranda Reurings (ma, di, wo, do)

Ingrid Wennekers (do, vr)

 

Kamelenspoor

6a

Femke van Welie  (ma, di, wo)

Miriam Hoijtink (wo, do, vr)

Duivenkamp

7a

Brechje Schölvinck (ma, di)

Elly de Mey (wo, do, vr)

Duivenkamp

7b

Sonja van Enk (ma, di, wo)

Greet Corstiaans (do, vr)

Kamelenspoor

8a

Mark Mondé

Duivenkamp 

8b

Frank Engbers

Kamelenspoor

Magda de Kruif   (voorlopig nog met ziekteverlof)

REGELING SCHOOL- EN VAKANTIETIJDEN           

Schooltijden                                                                                    

Groep 1, 2, 3 en 4

maandag, dinsdag, donderdag

08.30 - 12.00 uur 

13.15 - 15.15 uur

 

woensdag

08.30 - 12.15 uur

 

vrijdag

08.30 - 12.00 uur

 

 

 

Groep 5, 6, 7 en 8

maandag, dinsdag, donderdag en vrijdag

08.30 - 12.00 uur

13.15 - 15.15 uur

 

woensdag

08.30 - 12.15 uur

Ochtendpauze locatie Duivenkamp

De groepen 3, 4 en 5 hebben ochtendpauze van        10.00   tot   10.15 uur.

De groepen 6, 7 en 8 hebben ochtendpauze van        10.15   tot   10.30 uur.

 

Ochtendpauze locatie Kamelenspoor

De groepen 3, 4, 5 en 6 hebben ochtendpauze van    10.00   tot   10.15 uur.

De groepen         7 en 8 hebben ochtendpauze van    10.15   tot   10.30 uur.

Tropenrooster

In de zomer kunnen de temperaturen buiten oplopen tot boven de 25° C.

De onderwijsinspectie heeft een aantal voorwaarden opgesteld waaraan moet worden voldaan om een tropenrooster te kunnen draaien.

Het rooster voor deze dagen zou er als volgt uit kunnen zien:

- begintijd school        :           08.00 uur

- tijdens schooltijd:                2 korte pauzes

- eindtijd school:                    14.00 uur.

Als we een tropenrooster gaan draaien, hoort u dit via de Week Info of een extra briefje.

Vakanties      

 

 

 

uren onderbouw

uren bovenbouw

Herfstvakantie

16-10-2010 

t/m

24-10-2010

   23 u. 45 min

   25 u. 45 min

Kerstvakantie

18-12-2010 

t/m

02-01-2011

   47 u. 30 min

   51 u. 30 min

Krokusvakantie

19-02-2011 

t/m

27-02-2011

   23 u. 45 min

   25 u .45 min

Paasvakantie, incl. Goede Vrijdag

22-04-2011 

t/m

25-04-2011

     9 u.

   11 u.

Tulpvakantie

30-04-2011 

t/m

08-05-2011

   23 u. 45 min

   25 u. 45 min

Hemelvaart + vrijdag erna

02-06-2011

t/m

05-06-2011

     9 u.

   11 u.

Pinkstervakantie

11-06-2011

t/m

13-06-2011

     5 u. 30 min

     5 u. 30 min

Zomervakantie

02-07-2011   

t/m

14-08-2011       

 142 u. 30 min

 154 u. 30 min

Subtotaal

(284 u. 45 min)

(310 u. 45 min)

 

 

 

 

 

 

Studie-dag/ochtend/middag

 

 

 

 

 

Woensdagmorgen

30-03-2011

 

 

     3 u. 45 min

    3 u. 45 min

Woensdagmorgen

20-04-2011

 

 

     3 u. 45 min

    3 u. 45 min

Dinsdagmiddag

07-06-2011

 

 

     2 u.

    2 u.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Vrije dagen

 

 

 

 

 

Verlening Tulpvakantie  

26-04-2011

t/m

29-04-2011

     18 u. 15 min

    20 u. 15 min

subtotaal

     27 u. 45 min

    29 u. 75 min

Vrijdagochtend vrij voor onderbouw (groep 1 t/m 4) (7x)

 

 

 

 

Vrijdag  03-09-2010

 

 

       3 u. 30 min

 

Vrijdag  08-10-2010

 

 

       3 u. 30 min

 

Vrijdag  19-11-2010

 

 

       3 u. 30 min

 

Vrijdag  21-01-2011

 

 

       3 u. 30 min

 

Vrijdag  18-03-2011

 

 

       3 u. 30 min

 

Vrijdag  08-04-2011

 

 

       3 u. 30 min

 

Vrijdag 27-05-2011

 

 

       3 u. 30 min

 

 

 

subtotaal

     24 u. 30 min

 

 

 

totaal

   337 u.

 340 u. 30 min

 

 

 

 

 

 

 

 

onderbouw

bovenbouw

beschikbaar aantal uren op jaarbasis       

 

 

  1238 u. 30 min

 1344 u. 30 min

totaal aantal uren voor vrije dagen en vakanties  

 

 

    901 u. 30 min

 1004 u. 15 min

Minimale aantal verplichte lesuren                         

 

 

   880 u.

 

 1.000 u.

           

Zowel voor de onder- als de bovenbouw komt het aantal lesuren boven het wettelijk minimum van 880 respectievelijk 1.000 uren.  

Mochten er zich in de loop van het schooljaar calamiteiten voordoen waardoor de leerlingen niet naar school kunnen, dan vervallen één of meerdere studiedagen.

Verzuim/extra verlof

Kinderen moeten op elke doordeweekse dag naar school. Bij bepaalde bijzondere omstandigheden kunnen zij extra verlof krijgen. Dit geldt uitsluitend voor eenmalige gezins- of familiesituaties die buiten de wil of invloed van de ouders of het kind liggen. Uitgangspunt bij het verlenen van extra verlof is dat door het verlof een onredelijke situatie wordt voorkomen.

Extra verlof is mogelijk als de volgende omstandigheden zich voordoen:

huwelijk van bloed- of aanverwanten tot en met de 3e graad* van het kind: maximaal 2 dagen
12½  of 25-jarig huwelijksjubileum van ouders: 1 dag
12½ , 25-, 40-, 50- of 60-jarig huwelijksjubileum van grootouders: maximaal 2 dagen
25-, 40- of 50-jarig ambtsjubileum van ouders of grootouders: 1 dag
ernstige ziekte van ouders, bloed- of aanverwanten tot en met de 3e graad* van het kind: duur in overleg met directeur
overlijden van bloed- of aanverwanten tot en met de 4e graad* van het kind: duur in overleg met de directeur
verhuizing van gezin: 1 dag
sommige religieuze feesten: in overleg met de directeur

1e graad:    ouders

2e graad:    grootouders, broers en zussen

3e graad:    overgrootouders, ooms, tantes, neven en nichten (kinderen van broers en zussen)

4e graad:    neven en nichten (kinderen van ooms en tantes) betovergrootouders, oudooms en oudtantes, achterneven en achternichten (kinderen van broers en zussen)

De Leerplichtwet kent geen snipperdagen (om bijvoorbeeld een dag eerder met wintersport te gaan om de files voor te zijn). Jongeren hebben in een schooljaar voldoende vakantie. Het staat de school uiteraard vrij een van de vakantiedagen voor dit doel in te leveren, of een studiedag voor het personeel in te roosteren.

Bij de volgende omstandigheden  wordt géén extra verlof gegeven:

activiteiten van verenigingen waar kinderen lid van zijn, zoals scouting- of voetbalkamp
vakantie buiten de vastgestelde schoolvakanties (ook in geval van speciale aanbiedingen in het laagseizoen bijvoorbeeld)
eerder vertrekken of later terugkomen van vakantie vanwege (verkeers)drukte
familiebezoek in het buitenland
het argument: mijn kind is nog jong
het argument: vlak voor de vakantie wordt er toch (bijna) geen les meer gegeven
vakantie onder schooltijd

Vakantietijden

Het vakantierooster wordt vastgesteld in het Groot Directieberaad Maarssen waarbij de adviesdata van het ministerie van OC&W uitgangspunt zijn.

De vakantiedagen worden zo summier mogelijk ingevuld, zodat er voor de scholen een zo groot mogelijke beleidsruimte is om de overige marge-uren in te zetten, bijvoorbeeld voor studiedagen voor de leerkrachten. Dit heeft tot gevolg dat er verschil kan ontstaan tussen scholen, omdat niet iedereen op dezelfde dag de studiedagen zal plannen. De Medezeggenschapsraad van de school heeft instemmingsrecht over het vakantierooster.

Onze studiedagen zullen verspreid worden over het hele schooljaar (2010-2011). Wij zijn van mening dat dit de kwaliteit en het rendement van de studiedagen en dus de kwaliteit van ons onderwijs ten goede komt.

GYMNASTIEKTIJDEN

Locatie Duivenkamp

Dinsdag

Donderdag

 

08.30 - 09.10

 

8a Mark

6a Femke / Miriam

09.10 - 09.50

 

4a Brigitte

5a Nel / Nanda

4a Brigitte

 

09.50 - 10.30

 

 

5a Nel / Nanda

10.30 - 11.10

 

 

3a Annemarie / Linda

11.10 - 11.50

 

 

7a Brechje / Elly

 

 

 

13.15 - 13.50

 

6a Femke / Miriam

 

13.50 - 14.30

 

3a Annemarie / Linda

 

14.30 - 15.10

 

7a Brechje / Elly

8a Mark

 

Locatie Kamelenspoor

Dinsdag

Donderdag

 

08.30 - 09.10

 

7b Sonja / Greet

 

8b Frank

 

09.10 - 09.50

 

 

5/6b Miranda / Ingrid

09.50 - 10.30

 

8b Frank

3b Monique

4b Allan

10.30 - 11.10

 

4b Allan

3b Monique

11.10 – 11.50

 

5/6b Miranda / Ingrid

7b Sonja / Greet

 

 

 

 

13.15 - 13.50

 

 

 

13.50 - 14.30

 

 

 

14.30 - 15.10

 

 

SPREEKUREN

‘De Kameleon’ kent geen vaste tijd voor spreekuur met directie of leerkrachten.

Na afspraak is het over het algemeen mogelijk om op korte termijn een gesprek te hebben met de directie, de coördinator leerlingenzorg of een groepsleerkracht.

CONTACT

Telefonisch contact met de school bij voorkeur vóór of ná de lestijden.

- Duivenkamp             tel. 567697      indien onbereikbaar dan 06-27369175

- Kamelenspoor:         tel. 567470      indien onbereikbaar dan 06-27369175

ZIEKMELDING

In geval van ziekte kunt u uw kind vóór schooltijd ziek melden. Dit kan alleen telefonisch (niet per e-mail) op de eigen locatie (zie contact).

 

OVERBLIJVEN (= Tussen Schoolse Opvang)

Op beide locaties bestaat de mogelijkheid dat kinderen overblijven. Ieder kind krijgt aan het einde van het schooljaar een brief mee over het overblijven, met daarbij een overblijfkalender en een aanmeldingsformulier. Ouders kunnen kinderen met dit formulier opgeven als vaste overblijver, maar het is ook mogelijk om incidenteel over te blijven. In het laatste geval dient de ouder een strippenkaart aan te schaffen die op school blijft. Met deze strippenkaart kan 5 keer overgebleven worden. Er wordt tijdig gemeld wanneer en weer een nieuwe strippenkaart aangeschaft dient te worden.

Aan- en afmelden dient te geschieden door een sms-bericht naar Lia Rooze, TSO-coördinator,

06-18178594 vóór 10:00 uur. In dit bericht dient vermeld te staan: aan/afmelden, naam kind, datum en (locatie) DK of KS.

Dit geldt zowel voor de vaste overblijvers als de incidentele overblijven.

De financiële administratie is in handen van de school zelf, de coördinatie van de overblijfouders is in handen van Lia Rooze.

GROEPSGROOTTE

Hoewel van overheidswege geen richtlijnen bestaan t.a.v. maximale groepsgrootte, hanteren wij voor de groepen 1 – 2 een maximum van 35 leerlingen.

ACTIVITEITEN

U ontvangt naast deze ‘jaarlijks aangepaste pagina’s van de schoolgids’  ook onze kalender.
Hierin ziet u alle geplande activiteiten voor dit schooljaar. 
Wijzigingen melden wij in de Week Info.

 

LEERLINGBEGELEIDING

Rita Schols                    (Intern Begeleider)  

REMEDIAL TEACHERS

Hettie Rottier                                     

Annemarie Weekes  

COACHING

Emily Nijhuis (dinsdag)

ICT-COORDINATOR

Greet Corstiaans          (dinsdag)  

VAKLEERKRACHT

Jim Berben                  (Muziek - vrijdagochtend)

Fred Porton                (Gymnastiek – dinsdag) 

 PASTOR

Hedwig Mensink  

TECHNISCH ONDERWIJSASSISTENT / TUINONDERHOUD / SCHOONMAAK

Eef v.d. Kuilen

Martin van Laatum

Wilma van Laatum  

ADMINISTRATIEVE ONDERSTEUNING

Mirjam Bakkers

Jenny Reichwein (dinsdag)

SCHOOLBESTUUR

Scholenstichting ‘Pastoor Ariëns’

Postadres secretariaat          Postbus 1216

                                                3600 BE Maarssen

Voorzitter       

Dhr. H. Jagers

Waterstede 100

3605 ND Maarssen

tel.  575581

OUDERRAAD

Voorzitter                   Vice voorzitter                                    Secretaris                   Penningmeester

Mireille Pacheco         Jacqueline van Ravensberg     Anita Houben             Christa van  Baal

Pauwenkamp 207       Waterstede 97                                    Pauwenkamp 336       Waterstede 124

3607 TB Maarssen     3605 NE Maarssen                 3607 TB Maarssen     3605 NE Maarssen

tel. 06-57340064        tel. 06-14755929                    tel. 560798                 tel. 590336

                                                                                             

e-mail adres:               ouderraad@kameleon-maarssen.nl

MEDEZEGGENSCHAPSRAAD

Voorzitter                                           secretaris

John Ista                                             Marlou Pijl

Duivenkamp 197                                Pauwenkamp 138

3607 AJ Maarssen                              3607 GK Maarssen

tel. 285382                                         tel. 575428

EXTERNE ORGANISATIES

 

Jeugdgezondheidszorg

GGD Midden-Nederland

Tel.:                 030-6086086

Website.:         www.ggdmn.nl

Inspectie van het onderwijs

info@owinsp.nl

www.onderwijsinspectie.nl

Vragen over onderwijs: 0800-8051 (gratis)

Klachtmeldingen over seksuele intimidatie, seksueel misbruik, ernstig psychisch of fysiek geweld: meldpunt vertrouwensinspecteurs 0900-1113111 (lokaal tarief)

Schoolbegeleiding EDUNIEK

EDUNIEK in onderwijs                     Schoolbegeleider:     

Postbus                                               Brunhilde van der Sluis

3738 ZL Maartensdijk

tel. 0346-219777

fax  0346-219770

 

Gemeente Maarssen; afd. Onderwijs

Postbus 11

3600 AA  Maarssen

tel.  594287

Schoolarts / logopedist(e)

GG&GD Midden Nederland

Postbus 54

3600 AB  Maarssen

tel.  0346-554890

website :          www.ggdmn.nl

Schoolmaatschappelijk werk

Bereikbaar op maandagochtend, dinsdag en donderdag.

Tel: 0346-565791

Advies- en Meldpunt Kindermishandeling (AMK)

0900-1231230

website :          www.amk-nederland.nl

Opvoedsteunpunt

030-2306564

website:            www.opvoedingsondersteuning.info

 

 

 

 

1.DE SCHOOL

 

1.1   Richting

Een kameleon is een fascinerend dier; hij kan zich aan zijn omgeving aanpassen en toch zijn identiteit behouden. Hij heeft een mix van kleuren in zich. De ene keer lijkt de ene kleur sterker, dan weer de andere. De kameleon heeft onafhankelijk bewegende ogen, waarmee hij tegelijkertijd zowel naar voren als naar achteren kan kijken.

Inheemse volken die de kameleon kennen, zeggen dat de kameleon zowel in de toekomst als in het verleden kan kijken.

Onze school wil aan de toekomst werken, maar ook met het verleden rekening houden.

De school zal zich aanpassen aan nieuwe situaties en een weg zoeken naar kwaliteit en identiteit. Daardoor zijn veelkleurigheid en veelzijdigheid onze kenmerken.

 

‘De Kameleon’  is een katholieke basisschool. We geven met een open oog en oor voor ieders overtuiging, gestalte aan onze schoolgemeenschap.
Voor de medewerkers van ‘De Kameleon’  geldt hun gemeenschappelijke christelijke achtergrond als basis voor hun handelen.
De school is in 1994 ontstaan uit een fusie tussen katholieke basisschool ‘De Koerier’ in Duivenkamp en katholieke basisschool ‘De Oase’ in Kamelenspoor.
‘De Kameleon’  is één van de vier basisscholen die onder het bestuur van de Scholenstichting Pastoor Ariëns vallen.

   

1.2   Directie

De directie wordt gevormd door:

Dhr. H. Redeke          (directeur)

terug naar inhoudsopgave           

 

1.3   Management Scholenstichting Pastoor Ariëns

Onze school maakt deel uit van de Scholenstichting Pastoor Ariëns. Het doel van de scholenstichting is de bevordering van het katholieke onderwijs in Maarssen.
Onder het beheer van de scholenstichting staan nog drie katholieke basisscholen, te weten De Franciscus, De Pionier , De Wilde Wingerd en één school voor voortgezet onderwijs, de Rientjes Mavo .
Met ingang van 1 augustus 2006 is binnen de stichting bovenschools management voor de vier basisscholen ingevoerd.
De zittende directeuren blijven eindverantwoordelijk voor de dagelijkse gang van zaken op hun school. Zij maken deel uit van het Bovenschools Managementteam (BMT) van de scholenstichting, waarin beleid wordt voorbereid en afgestemd. Het BMT wordt geleid door de Algemeen Directeur, Anneke de Jong.
De Algemeen Directeur vormt de schakel tussen de scholen onderling en tussen het BMT en het bevoegd gezag, het bestuur van de scholenstichting.

terug naar inhoudsopgave

 

1.4   Situering van de school

De school heeft vestigingen in Duivenkamp en in Kamelenspoor. In beide vestigingen wordt onderwijs verzorgd voor alle groepen van het basisonderwijs. De vestiging in Duivenkamp richt zich voornamelijk op kinderen uit de wijken Duivenkamp, Fazantenkamp, Antilopespoor, Waterstede, Bisonspoor, Boomstede, Bloemstede, Pauwenkamp, globaal onder huisnummer 150.
De vestiging in Kamelenspoor richt zich vooral op kinderen uit de wijken Kamelenspoor, Pauwenkamp, globaal boven huisnummer 150, Zebraspoor, Spechtenkamp en Reigerskamp.  

1.5   Schoolgrootte

‘De Kameleon’  is gevestigd in Duivenkamp en Kamelenspoor. Op beide locaties verzorgen we onderwijs voor kinderen van 4 - 12 jaar. In onze twee eigen gebouwen beschikken we over 16 groepslokalen. De circa 350 kinderen zijn ongeveer gelijk verdeeld over beide locaties.  

terug naar inhoudsopgave  

 

2. WAAR DE SCHOOL VOOR STAAT

 

Wij proberen als school optimale ontwikkelingsmogelijkheden te bieden aan de ons toevertrouwde kinderen.

2.1   Uitgangspunten

Opvoeding

Wij proberen een school te zijn waar kinderen zich veilig en thuis voelen. Wij proberen dit te bereiken door naar kinderen en ouders duidelijk te zijn in onze bedoelingen. We proberen kinderen niet in onverwachte situaties te plaatsen.
De opvoeding op school moet een verlengstuk zijn van de opvoeding thuis. We vragen ouders onze opvoedkundige uitgangspunten te respecteren.  

Onderwijs

In ons onderwijs proberen we kinderen zó in hun ontwikkeling te begeleiden dat ze op hun niveau goed toegerust worden voor het volgen van een bij hen passende vorm van voortgezet onderwijs.  

Samenleving

Een school is geen eiland. We proberen in onze organisatie en ons onderwijs aan te sluiten bij maatschappelijke ontwikkelingen.

terug naar inhoudsopgave  

2.2   Prioriteiten

Opvoeding en onderwijs

Het kind van nu heeft in de voorschoolse periode al veel ervaringen opgedaan. In het algemeen kun je zeggen, dat kinderen van alle kanten met informatie bestookt worden. Veel kinderen hebben daardoor moeite zich op één zaak tegelijk te richten. Prioriteiten zijn daarom enerzijds kinderen leer- en leerkrachtgericht te laten worden, anderzijds kinderen te leren zelfstandig te laten zoeken naar oplossingen voor vragen en problemen. Hierdoor verwachten wij dat kinderen in staat zijn het aangeboden onderwijs met de meeste kans op succes te volgen. Uitgangspunt van ons handelen met kinderen is steeds het kind zelf.  

Zorgverbreding

We proberen kinderen zo veel mogelijk “zorg op maat” te bieden. Het is de bedoeling van de school zoveel mogelijk kinderen zich binnen het reguliere basisonderwijs te laten ontwikkelen. Om dit met succes te kunnen doen geven wij voorrang aan met name de taalontwikkeling van de jongste kinderen van onze school. Vanaf groep 3 heeft de leesontwikkeling de hoogste prioriteit. Wij zetten veel middelen en energie in, om te bereiken dat de kinderen voldoende leesvaardig in de bovenbouw van de school kunnen functioneren. Door het onderwijs zoveel mogelijk af te stemmen op de behoefte van de kinderen streven we een ononderbroken ontwikkeling na.

Om een goed zicht te krijgen op de zorgbehoefte van individuele kinderen, worden de leerprestaties in onze school veelvuldig en systematisch geëvalueerd.

terug naar inhoudsopgave  

2.3   Het klimaat van de school

Wij proberen binnen ‘De Kameleon’  een klimaat te scheppen, waarin iedereen zich veilig en vertrouwd voelt. Wij gaan daarbij uit van elementaire basisvaardigheden als: elkaar begroeten, elkaar uit laten spreken, fatsoenlijk taalgebruik, het bespreken van gevoelens en problemen. De afspraken hierover worden vastgelegd in ons schoolplan.

Zó willen we dat er met elkaar wordt omgegaan. Op dit gebied verwachten wij het respecteren van deze basisvaardigheden door zowel kinderen als volwassenen binnen de school. Door een klimaat waarin rust en regelmaat uitgangspunten zijn, zullen kinderen zich veilig voelen. Als een kind zich veilig voelt, kan het zich beter ontwikkelen. Een open teamsfeer waarin respect voor elkaars eigenheid uitgangspunt is voor de omgang met elkaar, is hierbij voor ons een voorwaarde. Iedereen binnen de school is zowel individu als groepslid. Hierin proberen we met elkaar een stabiel evenwicht te vinden.

Leerkrachten geven op ‘De Kameleon’   vorm aan het onderwijs vanuit hun christelijke  achtergrond, met respect voor andere culturen en overtuigingen. In feesten en vieringen door het jaar heen, zoals Sinterklaas, Kerst en Pasen zal deze achtergrond een rol spelen.

De school probeert een open oog en oor te bieden aan de ouders van de leerlingen. Ouders moeten zich vrij voelen om met hun vragen en problemen bij de leerkracht van hun kind te komen. Door wekelijks een informatiebulletin te verspreiden proberen we ouders zo goed mogelijk op de hoogte te houden van de dagelijkse gang van zaken op school. Verder is er de website van de school en hebben sommige klassen al een eigen weblog.

Om kinderen regelmatig met elkaars schoolbeleving te laten kennismaken, zijn er driewekelijkse presentaties. De bedoeling van deze presentaties is: elkaar door middel van o.a. toneel, muziek, mime of declamatie laten zien en beleven waarmee de verschillende groepen van de school zich bezig houden. Ouders zijn bij deze bijeenkomsten welkom.

terug naar inhoudsopgave  

 

3. DE ORGANISATIE VAN SCHOOL EN ONDERWIJS

 

3.1   De organisatie van de school  

Schoolorganisatie

‘De Kameleon’  heeft twee vestigingen: één in de wijk Duivenkamp en één in de wijk Kamelenspoor. Op beide locaties is er onderwijs voor de groepen 1 tot en met 8.
We plaatsen de kinderen bij voorkeur in de locatie die het dichtst bij hun woonadres ligt. Daarnaast streven we naar een evenwichtige verdeling van de aantallen over de beide locaties.
Voor het interne overleg kent de school een onderbouw (de groepen 1-2), een middenbouw (de groepen 3-4-5) en een bovenbouw (de groepen 6-7-8).

Periodiek is er per bouw overleg tussen alle betrokken leerkrachten. In dit bouwoverleg worden onderwijsinhoudelijke en organisatorische zaken besproken. Op deze manier proberen we gestalte te geven aan de doorgaande lijn in het onderwijs. Bouwoverstijgende onderwerpen komen aan bod in de maandelijkse plenaire vergadering.  

Toelaten, schorsen, verwijderen

Een leerling wordt tot onze school toegelaten als redelijkerwijs kan worden aangenomen dat hij of zij de school, eventueel met begeleiding van de Federatie Weer Samen Naar School (speciaal onderwijs) kan doorlopen, met inachtneming van wettelijke voorschriften en de mogelijkheden van de school. Als een leerling eenmaal is toegelaten wordt hij of zij niet geschorst of verwijderd, tenzij de leerling gedrag vertoont dat de gezondheid, het welzijn en de veiligheid van andere leerlingen en/of personeel in gevaar brengt. Ook als het gedrag van de wettelijke vertegenwoordiger van de leerling de gezondheid, het welzijn en de veiligheid van andere leerlingen en/of personeel in gevaar brengt, kan de leerling geschorst of verwijderd worden.  

Indeling in groepen

Met uitzondering van de groepen 1-2  -gezien het accent dat er in deze groepen ligt op de sociaal-emotionele ontwikkeling van de kinderen-  kiest ‘De Kameleon’  er voor om kinderen in zogenaamde jaargroepen te plaatsen. Dit betekent, dat kinderen van ongeveer dezelfde leeftijd bij elkaar in één groep zitten. In deze veilige groep van leeftijdgenoten zijn kinderen in principe  met dezelfde leerstof bezig. Afhankelijk van de verschillen in instructiebehoefte van de kinderen, kiest de leerkracht voor meer groepsgerichte, dan wel meer individueel gerichte werkvormen. Op deze manier kan binnen de jaargroep verantwoord rekening gehouden worden met verschillen tussen kinderen.  

Plaatsing in groepen

Bij leerlingen die voor het eerst op school komen, maar ook bij de overgang van het ene naar het andere schooljaar, bepaalt de schoolleiding, na informatie hierover met de betrokken ouders te hebben uitgewisseld, in welke groep de leerling geplaatst wordt.  

Groepsgrootte

De gemiddelde groepsgrootte op ‘De Kameleon’  ligt rond de 23 leerlingen.  

Zorg voor leerlingen met specifie­ke behoeften in het kader van zorgverbreding

Voor leerlingen die speciale zorg nodig hebben is op elke locatie een geschikte ruimte om met kinderen individueel of in kleine groepjes te werken. Ook zijn er op elke locatie voldoende middelen en materialen aanwezig om kinderen met specifieke problemen individueel te begeleiden.  Voor het geven van extra zorg aan kinderen die dat nodig hebben, zijn voor ongeveer 40 uur per week  leerkrachten inzetbaar. In hoofdstuk 4 vindt u meer informatie over de leerlingenzorg op ‘De Kameleon’ .

terug naar inhoudsopgave  

3.2   De samenstelling van het team  

Wie werken er in de school?

 

De directeur                   Hij is verantwoordelijk voor de onderwijsinhoudelijke zaken, het personeelsbeleid, de algehele organisatie en de algemene en financiële administratie van de school.

 

De intern begeleider        Hij/zij coördineert de leerlingenzorg en adviseert de directie op
                                     
het gebied van onderwijsinhoudelijke zaken. 

 

De groepsleerkrachten      Zij dragen zorg voor de dagelijkse gang van zaken voor het                                           onderwijs aan de kinderen. Daarnaast verzorgt ieder een aantal                                        taken dat noodzakelijk is voor een goede organisatie in de hele                                        school.

 

De bouwcoördinatore        Drie leerkrachten hebben de taak de bouwvergaderingen                                         (onderbouw, middenbouw, bovenbouw) voor te zitten en de in
                   het bouwoverleg gemaakte afspraken te coördineren.
                   Zij maken deel uit van een coördinatoren overleg met de directie.

 

De ICT-coördinator        Hij/zij coördineert zowel intern als extern zaken die met ICT te maken hebben.

                                               

De remedial-teacher        Hij/zij wordt ingezet voor de hulp aan die kinderen die, naast de                                  dagelijkse zorg van de groepsleerkracht, extra zorg nodig                                       hebben.

 

De vakleerkracht            Hij wordt ingezet voor de ondersteuning van het vak muziek.

 

De klassenassistent         Indien de middelen het toelaten kan een klassenassistent worden                                      ingezet in de groepen 1 t/m 3, met name om de taalontwikkeling                                      van de jonge kinderen te versterken.

 

De conciërges                 Onderwijs ondersteunende personeelsleden versterken ons team                                       en zijn verantwoordelijk voor het schoonhouden van de gebouwen.

 

De administratieve         Zij verrichten allerlei administratieve taken ter ondersteuning van
ondersteuners                de directie en het team

               

3.3   De organisatie van het onderwijs­

terug naar inhoudsopgave  

Methodes

We zijn ervan overtuigd dat een methode slechts een middel is en het succes van een methode bepaald wordt door de persoon van de leerkracht.
De methodes zijn door het team met de grootste zorg gekozen en voldoen dus aan onze criteria. Daar waar nodig zullen we aanpassen en vervangen om de kwaliteit van ons onderwijs te verbeteren. Onze school heeft de volgende methodes in gebruik:  

Voorbereidend/aanvankelijk lezen    groep 1-3                    ‘De leeslijn’  

Voortgezet lezen                             groep (3)  4 t/m 6        ‘De leeslijn’; diverse series                                                                                           leesboekjes geordend                                                                                           volgens I.L.O.-niveaus.  

Begrijpend en studerend lezen          groep 1 t/m 8             ‘Lees je wijzer’  

Schrijven                                        groep 1 en 2                ‘Schrijven in de basisschool’

                                                      vanaf groep 3             ‘Handschrift’

 

Taal                                                groep 1 en 2                Bronnenboeken en  ‘Praatspel’

                                                      vanaf groep 3             ‘Taaljournaal’ (nieuwe editie)

 

Engels                                             groep 7 en 8                ‘Real English’

 

Rekenen en wiskunde                       groep 1t/m 8              ‘Pluspunt’ (nieuwe editie)                                                                                                                          

Aardrijkskunde                              groep 1 t/m 4              Geen apart onderwijsleerpakket;                                                                                          we gaan uit van de kinderlijke                                                                                             beleving en directe omgeving.

                                                    groep 5 t/m 8              ‘Geobas’ (nieuwe editie)

 

Geschiedenis                                 groep 1 t/m 4             geen apart onderwijsleerpakket;                                                                                           we gaan uit van de kinderlijke                                                                                             beleving en directe omgeving

                                                   groep 5 t/m 8             ‘Wijzer door de tijd’

 

Bewegingsonderwijs                     groep 3 t/m8               ‘Bewegingsonderwijs/lichamelijke                                                                                      oefening in de basisschool’

 

Natuur- en milieu-educatie           groep 1 en 2                ‘Het 4-seizoenenboek’

                                                  groep 3 t/m 8              ‘Leefwereld’

                                                                           NME-kisten

 

Maatschappelijke verhoudingen                                           We maken gebruik van allerlei  staatsinrichting                                                                   aanwezige bronnenboeken en de                                                                                          maandelijkse uitgaven van                                                                                                          Samsam; groep 7 en 8 kijken naar                                                                                           het tv weekjournaal en in groep                                                                                           8 gebruiken ze de ‘Blokboeken                                                                                           Staatsinrichting’

                                                                                          De leerstof komt verder in andere                                                                                           vakgebieden aan bod

 

Catechese/geestelijke stromingen      groep 1 t/m 8              ‘Trefwoord’, projectlijn

                                                          

Sociale redzaamheid/Ver                groep 1 t/m 7              ‘Straatwerk’

 

Gezondheidsopvoeding                     groep 1 t/m 8              We maken gebruik van allerlei                                                                                             bronnenboeken

                                                           groep 8                       Jeugd EHBO - A diploma

 

Expressie/beeldende vorming  groep 1 t/m 8           We maken gebruik van allerlei bronnen, waaronder ‘Tekenvaardig’, ‘Handvaardig’, ‘Textielvaardig’, “Moet je doen”, aanbod Kunst Centraal

 

Dansante/dramatische vorming         groep 1 t/m 8             ‘Drama: moet je doen’                                                                     ‘Dans: moet je doen’, aanbod Kunst
                                                           Centraal

 

Muzikale vorming                              groep 1 t/m 8              ‘Muziek voor de basisschool’

                                                                                          ‘Muziek: moet je doen’
                                                                                         
en lessen van vakleerkracht

 

Burgerschap en sociale integratie      groep 1 t/m 8       

Actief burgerschap wordt door het Ministerie van OC&W omschreven als: de bereidheid en het vermogen deel uit te maken van een gemeenschap en daar een actieve bijdrage aan te leveren. Leekachten en kinderen werken samen aan een positief klimaat op klassenniveau, schoolniveau en waar mogelijk op wijkniveau.

Op de Kameleon geven wij hier o.a. vorm aan door:

1.      het maken en naleven van een groeps- en teamprotocol.

2.      het gebruiken van lessen uit de methode “ik, jij, wij”. Met deze lessen worden de kinderen zich bewust van wat hun handelingen voor een ander kunnen betekenen.

3.      het geven van taken aan kinderen waar zij verantwoordelijkheid voor leren dragen.

4.      waar mogelijk contact zoeken met instellingen in de schoolomgeving om zo het onderwijs een breder draagvlak te geven

5.      expliciet in de bovenbouw aandacht te besteden aan het functioneren van een parlementaire democratie, de multiculturele samenleving en de verschillende wereldgodsdiensten.           

  terug naar inhoudsopgave  

Activiteiten in onderbouw

Kleuters leren al doende, tijdens hun spel. Wij spelen daarop in door te zorgen dat er veel materiaal is waarvan de kleuters kunnen leren. We praten veel met de kinderen over allerlei onderwerpen zodat ze veel woorden leren en goed leren spreken. Dat is belangrijk als voorbereiding voor het latere lees- en taalonderwijs. In de dagelijkse kring wordt veel aandacht besteed aan de ervaringswereld van de kinderen, waarop in de loop van de dag weer activiteiten kunnen aansluiten. Via het leesproject Boekenpret wordt het voorlezen, ook thuis, gestimuleerd.

Ook het leren omgaan met elkaar en met het materiaal zijn belangrijke zaken bij het onderwijs aan de jongste kinderen. Door veel tijd buiten en in de speelzaal door te brengen, komen we tegemoet aan de bewegingsbehoefte van jonge kinderen; ook wordt hierdoor de motorische ontwikkeling gestimuleerd. Expressie-activiteiten als tekenen, bouwen, knippen, prikken, plakken, zingen en spel vormen een rode draad in de behandeling van de diverse thema’s die in de loop van het jaar aan bod komen. Denk hierbij aan de seizoenen, de feesten door het jaar heen als dierendag, Sinterklaas, Kerstmis, Pasen, de verzorging van je lichaam en je kleding enz.  

Basisvaardigheden (lezen, schrijven, taal en rekenen)

De ervaring heeft geleerd dat kinderen niet allemaal op hetzelfde moment “leesgevoelig” worden. ‘De Kameleon’  heeft daarom gekozen voor een methode om kinderen te leren lezen, die nadrukkelijk uitgaat van verschillen tussen kinderen. We leren kinderen niet meer klassikaal lezen. Door uit te gaan van de aanwezige kennis en behoefte van de kinderen, is de start van het leesproces niet voor alle kinderen hetzelfde. Er zijn kinderen die al in groep 2 beginnen met lezen, er zijn er ook die dat in groep 3 doen. Door de gekozen methodiek en de daarbij behorende materialen zijn we in staat dit leesproces goed te begeleiden.

Er wordt voor het eind van groep 3 voor alle kinderen naar een zodanig leesniveau gestreefd, dat de kinderen met succes de stap naar groep 4 kunnen maken.

Waar het taalonderwijs vroeger vooral gericht was op het foutloos leren schrijven, besteden we nu daarnaast veel meer aandacht aan leren praten, luisteren naar wat anderen precies zeggen en daarop goed antwoorden. Niet meer eindeloos invul-lesjes maken, maar veel meer taalonderwijs dat gericht is op het leren communiceren.

Het rekenonderwijs bestond vroeger vooral uit het aanleren van de tafels en maniertjes om

optel- en aftreksommen, vermenigvuldigingen, staartdelingen en breuken te maken.

Nu leren kinderen rekenen door het oplossen van praktische probleempjes die ze in het dagelijks leven tegenkomen. Het gaat veel meer om het begrip, dan om het leren van de ‘trucjes’. Natuurlijk proberen we kinderen ook rekenvaardig te maken. Kinderen leren ook werken met tabellen en grafieken.

Wereldoriënterende vakken

In de groepen 1 t/m 4 worden de wereldoriënterende vakken niet afzonderlijk gegeven. Er worden in die groepen onderwerpen behandeld die voor jonge kinderen interessant zijn en aan de hand waarvan kennis en inzicht kan worden bijgebracht op het gebied van de wereldoriënterende vakken. Ook natuur en verkeer komen in de onderbouw aan bod.  

Vanaf groep 5 wordt lesgegeven in de vakken aardrijkskunde, waaronder topografie, geschiedenis, natuur en verkeer.

We zorgen ervoor dat de kinderen Nederland, Europa en de rest van de wereld leren kennen, en leren hoe mensen er leven. Ook is er in de hogere groepen aandacht voor de internationale organisaties, het gebruik van grondstoffen en de manier waarop daar verantwoord mee kan worden omgegaan.

De geschiedenis van ons land vormt het uitgangspunt voor ons geschiedenisonderwijs. Eén van de gehanteerde uitgangspunten zijn de in onze tijd zichtbare sporen van het verleden.  

Voor het vak natuur staat niet de kennis van de natuur centraal, maar veel meer het aankweken van een respectvolle houding ten opzichte van de natuur. De natuurlijke verwondering van kinderen voor de aarde waarop zij leven is een belangrijk uitgangspunt voor ons natuuronderwijs. Van de mogelijkheden die het Milieu Educatief Centrum de scholen biedt wordt ook door ‘De Kameleon’  dankbaar gebruik gemaakt.  

De belangrijkste functies van het verkeersonderwijs op ‘De Kameleon’  zijn: kinderen de elementaire verkeersregels aan te leren en hen redzaam te maken in het verkeer in hun woonomgeving.  

Bij de wereldoriënterende vakken gaat het niet alleen om het opdoen van kennis. Het leren beheersen van een aantal vaardigheden speelt tegenwoordig ook een grote rol. We leren kinderen omgaan met atlassen. In het documentatiecentrum leren kinderen omgaan met naslagwerken. Het gebruik van de Openbare Bibliotheek in Bisonspoor wordt onder meer gestimuleerd door groepsbezoeken met de groepen 3 t/m 7. Door het aanbieden van een structuur voor het houden van spreekbeurten en het maken van werkstukken en boekpromoties leren we kinderen zelfstandig informatie te verwerven en te verwerken, ook d.m.v. het gebruik van ICT.  

Expressie activiteiten

Op het gebied van tekenen/schilderen/drukken, handvaardigheid en textiele werkvormen werken we met, binnen de school ontwikkelde, leerlijnen voor kinderen van 4 tot 12 jaar. Hierbij zijn de uitgangspunten het aanleren van een aantal basisvaardigheden en het toepassen van deze vaardigheden bij creatieve uitingen.

Voor het vakgebied muziek wordt het team ondersteund door een vakleerkracht.

Er is een cultuur educatie beleidsplan. Alle scholen binnen Maarssen nemen gezamenlijk deel aan het kunstmenu van Kunst Centraal Daarnaast  brengen we de kinderen via Cultuur menu in aanraking met alle mogelijke locale culturele uitingen.

 

Lichamelijke opvoeding

In de gymnastieklessen proberen we zo veel mogelijk tegemoet te komen aan de natuurlijke bewegingsbehoefte van kinderen. De organisatie van de gymlessen is erop gericht, in een variatie van bewegingsvormen, kinderen zo veel mogelijk te laten bewegen. Daarnaast leren we de kinderen ook samenwerken in spelvorm. Uit het oogpunt van de bevordering van gezond gedrag is het dragen van aparte gymkleding en het juist niet dragen van gevaar opleverende sieraden verplicht. Na de gymles streven we ernaar dat er vanaf groep 3 wordt gedoucht.

De kinderen van de groepen 1-2 gymmen in de speelzaal op school, zij brengen hiervoor gymschoenen mee, die op school bewaard worden.

Vanaf groep 3 gaan we voor de gymnastieklessen naar de sporthal in Bisonspoor.  

Catechese

In de catecheselessen dienen de ervaringen van kinderen als uitgangspunt van de lessen. We gebruiken hierbij de methode ‘Trefwoord’.

In groep 4 bepaalt in het voorjaar het voorbereidingsproject op de eerste Heilige Communie de inhoud van de catecheseles. In groep 8 is dat in de periode september-november het voorbereidingsproject op het sacrament van het Vormsel. Deze projecten zijn wat betreft hun inhoud zó samengesteld, dat ook de niet-katholieke kinderen zich hierin kunnen herkennen.

Het deelnemen aan beide sacramenten is vanzelfsprekend de vrije keuze van kind en ouders.

In alle groepen wordt met een zekere regelmaat de leerkracht ondersteund door één van de pastores van de Verrijzenisparochie.

Een keer per jaar proberen we een activiteit inde kerk te plannen.  

Kind en materiaal

Het wil wel eens voorkomen dat kinderen onzorgvuldig omspringen met materialen. Hierdoor gebeurt het wel eens dat (kleur)potloden, scharen e.d. sneuvelen of verdwijnen. Wij willen dat de kinderen meer zorg en verantwoording dragen voor de materialen op school.

Daarom krijgt elk kind:          een eigen schaar
                                           
een vulpen     
                                           
een liniaal
                                           
een kleurpotlodendoos en
                                           
een grote multomap.  

Deze materialen worden voorzien van hun naam en gaan mee tot groep 8. De vulpenvullingen worden steeds “ververst” door de school. Indien blijkt dat kinderen door onzorgvuldigheid of met opzet materialen beschadigen of kwijtraken, moeten zij zelf voor reparatie of vervanging (evt. via school) zorgen, waarbij zij een eigen geldelijke bijdrage moeten leveren.  

Huiswerk

In de bovenbouw leren we de kinderen omgaan met huiswerk. Door (op zoveel mogelijk vaste momenten) huiswerkopdrachten mee te geven, leren we de kinderen een tijdsplanning te maken. Daarnaast helpt het aanbieden van zowel “maak”- als “leer”werk kinderen bij het leren bepalen van een bij hen horende huiswerkstrategie.

Bij het huiswerk ligt het accent niet op de hoeveelheid, maar op de kwaliteit ervan.  

Gezamenlijke evenementen

De verjaardag van een kind en de leerkracht wordt in de eigen groep gevierd.

In oktober wordt er aandacht besteed aan de kinderboekenweek.

Op of rond 5 december komt Sinterklaas. We vieren het sinterklaasfeest zowel in de eigen klas als met de hele school samen (op de eigen locatie). Alle leerlingen krijgen een cadeautje. De leerlingen van de groepen 5 t/m 8 maken voor elkaar een surprise met een gedicht.

Het Kerstfeest vieren we meestal donderdag voor de kerstvakantie. De invulling kan uiteenlopen. Er is echter altijd een gezamenlijk gedeelte. Daarnaast is er nog een viering met de eigen groep. Er kunnen daarbij verhalen verteld en liedjes gezongen worden.

De Paasviering is op Witte Donderdag en de invulling kan per jaar verschillen.

Jaarlijks is er een gezamenlijk schoolproject. In alle groepen wordt gedurende ongeveer één week rond eenzelfde onderwerp gewerkt.

In het voorjaar van de even jaren vindt er een zangfestival plaats, waaraan wordt deelgenomen door leerlingen van alle groepen van de school.

In het voorjaar van de oneven jaren wordt door de leerlingen van één van de leerjaren 1 t/m 7 een musical opgevoerd.  

terug naar inhoudsopgave  

3.4   Speciale voorzieningen in het schoolgebouw

‘De Kameleon’  beschikt over twee permanente gebouwen, één in Duivenkamp op
nummer 549 en één in Kamelenspoor op nummer 81.
Deze twee gebouwen hebben in grote lijnen dezelfde faciliteiten:

§         8 groepslokalen en een gym/speelzaal

§         een gemeenschapsruimte voor gezamenlijke activiteiten, handvaardigheid,                         groepslezen enz. In deze ruimte is ook een documentatiecentrum te vinden

§         kleine ruimtes waar individueel of in kleine groepjes gewerkt kan worden met        

            kinderen die speciale zorg nodig hebben

§         een personeelsruimte

§         een directiekamer

§         in alle ruimtes kunnen de gebruikers  beschikken over computer-apparatuur en

            netwerk/internetaansluitingen.

§         Met ingang van 2007 is een begin gemaakt met het installeren van digitale schoolborden, waarmee op termijn alle leslokalen vanaf groep 3 voorzien zullen worden.  

In het geval er meer dan 16 groepen zijn, streven wij ernaar ruimte te huren in één van de schoolgebouwen die dicht bij onze eigen locaties staan.  

terug naar inhoudsopgave

4.DE ZORG VOOR KINDEREN  

4.1   De opvang van nieuwe leerlingen in de school

De plaatsing van een kind op school

a.   Bij vierjarige kinderen

Het is gebruikelijk dat ouders die een school voor hun kind zoeken een oriënterend gesprek met  de directeur hebben. Deze gesprekken vinden zo veel mogelijk plaats tijdens lestijd, zodat ouders een indruk kunnen krijgen van de school ‘in bedrijf’. Van ouders die hun kind op ‘De Kameleon’  plaatsen, verwachten wij dat zij onze uitgangspunten, doelstellingen en identiteit respecteren. Ouders worden geïnformeerd over de vrijwillige bijdrage voor de niet gesubsidieerde activiteiten die de school onderneemt om invulling te geven aan onze uitgangspunten, doelstellingen en identiteit.

‘De Kameleon’  kent een plaatsingsregeling voor leerlingen:
Kinderen uit de wijken Duivenkamp, Fazantenkamp, Antilopespoor, Boomstede, Bloemstede  en Pauwenkamp, globaal onder huisnummer 150, worden in principe geplaatst op de locatie Duivenkamp.
Kinderen uit Kamelenspoor , Pauwenkamp, globaal boven huisnummer 150, Zebraspoor , Spechtenkamp en Reigerskamp worden in principe geplaatst op de locatie Kamelenspoor.

Voor 4-jarigen die op onze school geplaatst worden is er de mogelijkheid om vóór hun vierde verjaardag vijf keer te komen wennen op school.  

b.   Bij neveninstromende kinderen  

b.1 Bij neveninstromende kinderen van buiten Maarssen

Als door verhuizing van buiten Maarssen kinderen aangemeld worden voor onze school, dan worden deze kinderen, als er geen belemmeringen zijn, zonder meer geplaatst. Alvorens na een gesprek met de ouders over te gaan tot definitieve plaatsing van de leerling, is er contact met de intern begeleider van de huidige school van het kind. Alleen als wij vaststellen dat wij het betreffende kind de eventueel benodigde speciale zorg ook kunnen bieden, plaatsen wij het kind. Een andere reden van niet-plaatsing kan zijn: de groepsgrootte van de groep waarin het kind geplaatst zou worden.

b.2 Bij neveninstromende kinderen van binnen Maarssen

Als een leerling van één van de Maarssense scholen bij ons wordt aangemeld, vindt ook altijd contact plaats met de school die het kind op dat moment bezoekt. Afhankelijk van de problematiek van het kind wordt gekeken of wij dit kind de zorg kunnen bieden die het nodig heeft om zich verder te ontwikkelen. Hierbij is zowel de intern begeleider als de groepsleerkracht bij wie het kind geplaatst wordt, betrokken.

Binnen de gemeente Maarssen zijn bij een overstap van leerlingen in het basisonderwijs de volgende afspraken gemaakt:

Vanuit het Weer Samen Naar School oogpunt, zullen vaker mogelijkheden tot overstap  worden onderzocht. Het initiatief hiertoe ligt bij de school. Voor verdere informatie verwijzen we naar het Meerjarenzorgplan van het samenwerkingsverband WSNS Maarssen.
Als ouders vragen naar informatie in verband met een wens tot overplaatsing, wordt er in de eerste plaats naar hen geluisterd.
Vervolgens worden ze terug verwezen naar de directie van de school van herkomst en wordt gemeld aan de ouders, dat de betreffende directie op de hoogte wordt gebracht.
De directie van de school van herkomst wordt op de hoogte gesteld van het verzoek van de ouders. Als er sprake is van overname van de leerling, moet er vooraf altijd contact geweest zijn met de directie van de school van herkomst. De ouders ondertekenen dan ook een formulier, waarop ze toestemming verlenen dat informatie over hun kind schriftelijk en/of mondeling mag worden doorgegeven aan de andere school.
Ouders moeten weten dat er, in het belang van het kind, inzage is in het leerling-dossier van hun kind en dat de intern begeleiders van de beide scholen hierover contact hebben met elkaar. Zij hebben daar schriftelijk toestemming voor verleend (zie voorgaand punt)
Ten aanzien van overdracht van informatie: een o9nderwijskundig rapport is verplicht. Het is belangrijk dat juiste en volledige informatie wordt verschaft.
De beslissing tot eventuele toelating ligt in principe bij de directie van de “nieuwe school” na onderlinge overeenstemming met de directie van de school van herkomst.
Periode:

-          Bij voorkeur niet de eerste en laatste twee maanden van een schooljaar. Eventueel na een volgende vakantie. Er moet genoeg tijd zijn om de zaken af te handelen.

-          Bij voorkeur niet in groep 7 of in groep 8

Probeer als directie/intern begeleider soepel om te gaan met een overstap, vooral als het kind of het gezin er mee geholpen is. Het kan heel goed zijn voor een kind/ een gezin om een nieuwe start te maken/ nieuwe kans te krijgen.

terug naar inhoudsopgave  

4.2   Het volgen van de ontwikkeling van de kinderen in de school (leerlingvolgsysteem)  

De wijze waarop het dagelijkse werk van kinderen wordt bekeken en beoordeeld en de middelen die worden gebruikt om vorderingen van leerlingen te verzamelen.

Door observatie en registratie wordt de ontwikkeling van de leerlingen op diverse gebieden gevolgd.

Vanaf het moment dat de kinderen leren lezen, spellen en rekenen worden de test- en toetsgegevens die bij de gehanteerde methodes horen, ook gebruikt om de vorderingen van de kinderen in beeld te brengen. Deze gegevens zijn vooral van belang om te kunnen bepalen, of de leerling de aangeboden leerstof in voldoende mate beheerst om een volgende leerstap te kunnen maken.

Daarnaast worden in alle groepen onderdelen van het CITO-leerlingvolgsysteem afgenomen.

 

De verslaglegging over leer­lingen door de groepsleerkracht

De groepsleerkrachten houden digitaal de gegevens van de vorderingen van de kinderen bij. Daarnaast wordt van iedere leerling een leerling-dossier bijgehouden. Daarin worden gegevens opgenomen over het gezin, de leerlingbesprekingen, gesprekken met de ouders, speciale onderzoeken, handelingsplannen (schriftelijke vastlegging van extra hulp aan individuele kinderen, met daarbij de beschreven doelen en de manier en het tijdstip van evaluatie), toets- en rapportresultaten van de verschillende jaren. De coördinator leerlingenzorg beheert deze mappen.

In het computer-administratieprogramma worden de algemene gegevens van de leerlingen opgeslagen, alsmede de absentenregistratie.

De privacy-gevoelige gegevens zijn alleen voor de direct betrokkenen toegankelijk.

 

Teamleden die intern de vorderingen van de leerling

Tijdens iedere bouwvergadering kan een groepsleerkracht een leerling inbrengen om te bespreken.
Groepsleerkrachten kunnen altijd op zeer korte termijn bij de intern begeleider met hun zorgvragen terecht. Periodiek vindt er een gesprek plaats tussen de groepsleerkrachten en de Intern Begeleider aan de hand van de groepsoverzichten op het gebied van:

§         taalontwikkeling

§         begrippenkennis

§         sociaal/emotionele ontwikkeling voor de kleutergroepen

en:

§         lezen

§         spelling

§         begrijpend lezen 

§         rekenen 

§         sociaal/emotionele ontwikkeling voor de groepen 3 t/m 8.  

 

De wijze waarop het welbevinden en de leervorderingen van de kinderen besproken wordt met ouders

Er wordt twee keer per jaar schriftelijk aan de ouders van kinderen gerapporteerd over de ontwikkeling van hun kind. Dit gebeurt in principe in de maanden januari en juni. Bij deze rapporten vinden, met het rapport als uitgangspunt, tien-minutengesprekken plaats.Voor de leervorderingen gebruiken we in het rapport een vijf-puntsschaal. Voor de rapportage over het gedrag van kinderen t.o.v. elkaar, de leerkracht en het werk gebruiken we de termen ‘in orde’ en ‘niet in orde’. Waar ouders of leerkrachten buiten deze vaste rapportagegesprekken behoefte voelen om over het welbevinden of de vorderingen van het kind te praten, bestaat altijd de mogelijkheid om daarvoor een afspraak te maken.  

terug naar inhoudsopgave  

4.3   De speciale zorg voor kinderen met specifieke behoeften  

De procedure.

Als een groepsleerkracht vindt dat de dagelijkse zorg in de klas niet voldoende is voor de begeleiding van de ontwikkeling van een kind, wordt dit kind in een leerlingbespreking besproken.

Aan de hand van de daar gekregen adviezen gaat de leerkracht in de groep aan het werk. Als dit niet voldoende resultaat blijkt te hebben, wordt de leerling door de groepsleerkracht besproken met de intern begeleider. Als dit overleg oplevert, dat er nader onderzoek gedaan moet worden bij het kind, worden daarvan de ouders op de hoogte gebracht. De resultaten van nader onderzoek worden met de groepsleerkracht en met de ouders besproken. Aan de hand van het onderzoek wordt een handelingsplan opgesteld. Dit kan worden uitgevoerd door de groepsleerkracht of door een andere leerkracht binnen de school. De resultaten van het handelingsplan worden besproken door de groepsleerkracht en de intern begeleider; is het gewenste resultaat bereikt, dan wordt de behandeling gestopt. Is het gewenste resultaat (nog) niet bereikt, dan wordt of het handelingsplan aangepast of er wordt - uiteraard na overleg met de ouders - de hulp ingeroepen van de Schoolbegeleidingsdienst.

Net als alle andere basisscholen in Maarssen, maakt ook onze school gebruik van specialisten van Eduniek, uit Maartensdijk.  

Twee vaste medewerkers van Eduniek begeleiden onze school:

§         De een is ons aanspreekpunt voor hulp en begeleiding voor kinderen
die speciale zorg nodig hebben. Hij/zij doet onder andere
onderzoek bij kinderen die op- of uitvallen, adviseert de
leerkracht en/of de intern begeleider bij het opstellen
van een handelingsplan, voert gesprekken met ouders over zijn/haar
bevindingen en adviezen.

§         De ander is ons aanspreekpunt voor hulp en begeleiding van de
 
schoolleiding op onderwijskundig en organisatorisch gebied.
 
Ook de onderwijskundige begeleiding van het team als geheel
 
wordt door hem/haar verzorgd.  

De voorzieningen

Als het mogelijk is, een kind dat speciale zorg behoeft in de eigen groep verder te helpen, verdient dit de voorkeur. De zorgfunctionarissen ib-er (intern begeleider) en rt-er (remedial teacher) hebben daarnaast nog gelegenheid om kinderen met specifieke problemen apart te begeleiden. Per jaar kan de school voor maximaal 6 kinderen vanaf groep 5 een sociale vaardigheidstraining verzorgen. Binnen het samenwerkingsverband van Weer Samen Naar School Maarssen bestaat ook de Permanente Commissie Leerlingenzorg. Na toestemming van de ouders is het voor basisscholen uit Maarssen mogelijk om hun zorgvraag voor leerlingen voor te leggen aan deze commissie. In deze commissie zijn het Speciaal Onderwijs in Maarssen, de Schoolbegeleidingsdienst en de schoolarts vaste leden. Afhankelijk van de zorgvraag kan deze commissie uitgebreid worden met bijvoorbeeld een orthopedagoog, een maatschappelijk werker, het Jeugdloket, een logopedist enz. Sinds augustus 2006 kunnen ouders en leerkrachten een beroep doen op het schoolmaatschappelijk werk.  

Buurtnetwerk

De school neemt deel aan het Buurtnetwerk Jeugdhulpverlening Maarssenbroek Zuid. Informatie hierover is te verkrijgen bij de intern begeleider.  

Plaatsing en verwijzing van leerlingen met specifieke behoeften

Op ‘De Kameleon’  is zittenblijven en versnellen mogelijk. Als een leerling achterblijft in zijn ontwikkeling is het in een aantal gevallen het beste, om een jaar over te doen. Deze beslissing wordt nooit genomen op grond van een ontwikkelingsachterstand op één gebied. Er moet sprake zijn van achterstand op zowel sociaal-emotioneel gebied als op leergebied. De bedoeling van zittenblijven is altijd het kind meer of betere ontwikkelingskansen te bieden. De beslissing wordt altijd genomen na overleg met de ouders/verzorgers. Het moment van beslissen ligt in principe uiterlijk rond begin mei. Hierdoor is er de mogelijkheid het zittenblijven of versnellen met het kind zo goed mogelijk voor te bereiden, door het voor bepaalde vakgebieden een apart programma te geven, waardoor de kans op succes het grootst is.

Soms komt het voor, dat de ontwikkeling van een individuele leerling zo veel sneller gaat dan die van leeftijdgenoten, dat het verantwoord is deze leerling een klas over te laten slaan.

Zoals er binnen ‘De Kameleon’  speciale aandacht en zorg is voor kinderen die opvallen doordat hun ontwikkeling minder snel verloopt dan je zou mogen verwachten, is die zorg er ook voor kinderen die opvallen doordat hun ontwikkeling (veel) sneller verloopt dan je zou mogen verwachten.

Soms lukt het, ondanks de inzet van alle beschikbare middelen en hulp, niet om binnen de school datgene aan een kind te bieden dat nodig is voor de verdere ontwikkeling van dat kind. Dat is met name zo als een kind zich diep ongelukkig voelt door zijn leerproblemen en achterstand, en hierbij niet te helpen is. In overleg met de ouders wordt dan gezocht naar een andere school voor basisonderwijs, of een speciale school voor basisonderwijs.  

terug naar inhoudsopgave

 

 4.4   De begeleiding van de overgang van kinderen naar het voortgezet onderwijs  

De voorlichting aan ouders ten behoeve van de school­keuze van leerlin­gen

Na groep acht gaan de kinderen naar het voortgezet onderwijs. Ze hebben de keuze uit vele scholen en soorten van scholen. Wij proberen hen en hun ouders te helpen bij de keuze van de voor het kind beste vorm van voortgezet onderwijs.

In het voorjaar van het jaar waarin de kinderen in groep 7 zitten, is er een informatieavond voor de ouders. Daarop wordt uitleg gegeven over de manier waarop wij het keuzeproces naar het Voortgezet Onderwijs begeleiden. De school gebruikt hiertoe twee ‘externe instrumenten’. Enerzijds is daar de Entreetoets groep 7 van het CITO, daarnaast gebruiken wij twee onderdelen van de NIO-test, die door een extern bureau wordt afgenomen. Deze test geeft inzicht in de intellectuele mogelijkheden van de kinderen. Schoolvorderingen meten we door middel van de toetsen van ons eigen leerlingvolgsysteem en door de gegevens van de Entreetoets.

Mede aan de hand van het resultaat van deze onderzoeken wordt in de tweede helft van groep 8 het uiteindelijke advies gegeven.

Op een informatieavond aan het begin van groep 8 geven de groepsleerkrachten verdere informatie over het voortgezet onderwijs: welke soorten scholen zijn er, wat zijn de doorleermogelijkheden na die scholen, enz. De uitslag van de NIO/CITO wordt ook individueel met alle ouders besproken.

Tijdens een tien-minutengesprek eind november voor ouders en leerlingen van groep 8 geven de leerkrachten een voorlopig advies. Begin januari organiseren de Maarssense basisscholen gezamenlijk een voorlichtingsavond over het voortgezet onderwijs. De scholen voor voortgezet onderwijs uit de regio presenteren zich op die avond aan de ouders. Eind januari of begin februari vinden er op de verschillende scholen in het voortgezet onderwijs open dagen plaats waar leerlingen en ouders kennis kunnen maken met de school. Voor leerlingen zijn er open lesmiddagen om te ervaren hoe een lesmiddag in het voortgezet onderwijs is.

Begin maart vinden dan de schoolkeuze-adviesgesprekken plaats; de leerkrachten van groep 8 bepreken met de ouders het ‘Advies- en inlichtingenformulier t.b.v. het voortgezet onderwijs’. Met dit formulier wordt het kind vervolgens door onze school aangemeld bij een school voor voortgezet onderwijs.  

Soort gegevens die over leerlingen worden verzameld, de wijze van adviseren en de procedure die gevolgd wordt

In de loop van de jaren dat een kind op ‘De Kameleon’  zit, wordt een dossier aangelegd. Hierin zitten in iedere geval afschriften van alle rapporten van het kind. Daarnaast de resultaten van de lees- en spellingtesten vanaf groep 3, alsmede de toetsresultaten uit het CITO-leerlingvolgsysteem. Als er in de loop van de basisschooltijd van een kind sprake is van extra zorg, worden de gegevens hierover ook in het leerling-dossier bewaard. Aan het eind van de basisschoolperiode is er van elk kind op deze manier een goed overzicht aanwezig van diens ontwikkeling.

Naast deze gegevens, waarover de school al beschikt, wordt voor de verwijzing naar het voortgezet onderwijs ook nog gebruik gemaakt van de resultaten van de NIO-test

(zie punt 4.5.).

Op grond van alle genoemde gegevens en na overleg met de leerkrachten van groep 7 en de intern begeleider geeft de leerkracht van groep 8 een advies voor een type school van voortgezet onderwijs.

Het staat ouders overigens vrij om hun kind aan te melden bij een ander type school, dan waarvoor de basisschool geadviseerd heeft. Het is immers hun kind, uiteindelijk zijn de ouders verantwoordelijk voor de aanmelding. In veel gevallen zal een school voor voortgezet onderwijs dan zelf aanvullend onderzoek willen doen.

Over de kinderen die aangemeld zijn bij de verschillende scholen voor voortgezet onderwijs vindt in de maanden april en mei overleg plaats tussen de leerkracht van groep 8 en de brugklascoördinatoren van de scholen voor voortgezet onderwijs. Op deze manier kan een toelichting gegeven worden bij het advies. Ook kunnen wij als basisschool -waar nodig- de school voor voortgezet onderwijs begeleidingsadviezen voor onze leerlingen geven.

Van alle scholen voor voortgezet onderwijs krijgen wij regelmatig een afschrift van de rapporten van onze oud-leerlingen. Op deze manier kunnen wij steeds de kwaliteit van onze adviezen toetsen. De gegevens die wij in de loop van de jaren over een kind verzameld hebben, worden nog vijf jaar op school bewaard, daarna worden zij vernietigd.

terug naar inhoudsopgave  

4.5   Jeugdgezondheidszorg

Wat is Jeugdgezondheidszorg?

De afdeling Jeugdgezondheidszorg van de GGD Midden-Nederland begeleidt de gezondheid,
groei en ontwikkeling van kinderen van 4 tot 19 jaar die in deze regio naar school
gaan. Tot 4 jaar worden de kinderen begeleid door het consultatiebureau voor zuigelingen
en kleuters.
Elk kind maakt een grote lichamelijke en geestelijke ontwikkeling door. Tijdens dit
groeiproces wil de afdeling Jeugdgezondheidszorg van de GGD graag samen met de leerkrachten de gezondheid, de groei en de ontwikkeling begeleiden. In groep 2 van de basisschool wordt u samen met uw kind uitgenodigd door de jeugdarts (schoolarts) en in groep 6 door de jeugdverpleegkundige. Tijdens het onderzoek bekijken zij de groei van uw kind, bespreken met u de psychosociale aspecten van de ontwikkeling en testen zo nodig het gezichtsvermogen en het gehoor. Alle kleuters van groep 2 worden daarnaast ook door middel van een screening onderzocht op spraak- en taalgebied door de logopedist van de GGD. Hiervoor wordt u van tevoren schriftelijk om toestemming gevraagd.

Ook als uw kind niet in groep 2 of groep 6 zit, kunt u contact opnemen met de GGD. Bijvoorbeeld als u vragen heeft over inentingen, de gezondheid, logopedische vragen of de ontwikkeling van uw kind. U kunt de jeugdarts, de jeugdverpleegkundige en de logopedist bereiken op:  

GGD Midden-Nederland
Harmonieplein 121
Postbus 54
3600 AB  Maarssen
0346-554890
www.ggdmn.nl

terug naar inhoudsopgave

 

4.6   Activiteiten voor kinderen naast de lessen  

Sportdag

Jaarlijks wordt voor de kinderen van de middenbouw ( de groepen 3,4 en 5) en de bovenbouw (de groepen 6,7 en 8) een sport- en spelmiddag georganiseerd.  

Kleuterfeest

Voor de kinderen van de groepen 1-2 wordt tegen het einde van het schooljaar een feestelijke spel-activiteitendag georganiseerd.  

Pyjamafeest

Voor de kinderen van de groepen 2 die het volgende schooljaar naar groep 3 gaan wordt er tegen het einde van het schooljaar een pyjamafeest georganiseerd.  

Schoolkamp

Met de kinderen van groep 8 gaan we tegen het einde van het schooljaar 3 dagen op een schoolverlaterkamp.  

Schoolreis

Met de kinderen van de groepen 3 t/m 7 gaan we 1 keer per jaar een dagje op stap. We proberen hierbij een activiteit te zoeken die voor alle betrokken kinderen geschikt is. Lukt dit niet, dan kiezen we ervoor, afhankelijk van de mogelijkheden, naar twee verschillende bestemmingen te gaan.  

Excursies

Afhankelijk van het lesprogramma - en de mogelijkheden die er zijn - kan een groep eropuit trekken om buiten de school speciale ervaringen op te doen.  

Sporttoernooien

‘De Kameleon’  heeft ervoor gekozen om jaarlijks aan een sporttoernooi deel te nemen. Op dit moment is dat het schoolvoetbaltoernooi (voor kinderen uit de groepen 7 en 8), dat plaatsvindt op woensdagmiddagen in de maand april.  

Kunst en cultuur

De school neemt deel aan het kunst- en cultuurmenu van Kunst Centraal.

Om het jaar organiseert de school een zangfestival waarbij op een feestelijke avond in een feestelijke omgeving door kinderen - al dan niet in competitieverband - gezongen wordt. Het andere jaar wordt er door een van de groepen een musical opgevoerd.

Elk jaar organiseert de school een feestelijke bijeenkomst. Dit kan bijvoorbeeld zijn: een musical, een zangfestival, een schoolfeest.

 

5.DE LEERKRACHTEN  

Wijze van vervanging bij ziekte, ADV, stu­die­ver­lof, scholing

Bij ziekte, ADV of studieverlof proberen we gebruik te maken van vaste invalkrachten. Zij kennen de kinderen en onze manier van werken. Als meerdere teamleden gelijktijdig afwezig zijn moeten we soms een beroep doen op een andere invalkracht.

Indien er geen vervangende leerkrachten aanwezig zijn, worden de leerlingen in kleine groepjes verdeeld over de andere groepen. Hiervoor heeft elke leerkracht voor zijn eigen groep een noodprogramma klaar liggen.
In het uiterste geval gaat de leerling, na overleg met de ouders, terug naar huis.
Is er thuis geen opvang, dan blijft de leerling op school onder toezicht.  

De inzet van onderwijs- of klassenassis­tenten

In de lagere groepen kan een leerkracht geassisteerd worden door een onderwijs-assistent.

Daarnaast kennen we tegenwoordig ook de leraar in opleiding (LIO). De LIO is een laatstejaars PABO-student die -betaald door het Ministerie van Onderwijs- gedurende een periode van vijf maanden full-time aan een school verbonden is om zich de laatste kneepjes van het leraarsvak eigen te maken.

Hoe de LIO wordt ingezet -vast in één groep of in verschillende groepen- wordt in overleg met de betrokkenen geregeld.  

Scholing van leerkrachten

Het onderwijs is voortdurend in ontwikkeling. ‘De Kameleon’  probeert deze ontwikkelingen te volgen.   Regelmatig passen wij (delen van) ons onderwijs aan aan nieuwe inzichten. Daarom worden wij regelmatig bijgeschoold.  
Het komt af en toe voor, dat er in een groep video-opnames gemaakt worden. Deze zijn bestemd voor de begeleiding van de leerkracht of ten behoeve van de studie van een leerkracht. De gemaakte opnamen worden alleen hiervoor gebruikt, verder niet gepubliceerd en na gebruik weer gewist. Als u er bezwaar tegen hebt dat uw kind op zo’n opname te zien is, verzoeken wij u om dit schriftelijk kenbaar te maken aan de groepsleerkracht van uw kind.

De begeleiding  en inzet van stagiaires van PABO’s

Onze school wil studenten de gelegenheid bieden om daadwerkelijk ervaring op te doen met het beroep van leerkracht. Door ervaring op te doen leren studenten het meest. Wij zijn als school van mening dat praktijkervaring essentieel is om na de opleiding aan de slag te kunnen gaan. Hierom stellen wij onze school dan ook open voor studenten. Het gaat hier dan met name om studenten van de PABO (Pedagogische Academie Basis Onderwijs). Dit heeft tot gevolg dat u op school regelmatig studenten zult zien rondlopen. Vooraf maken wij via de Weekinfo bekend in welke groepen en op welke dagen studenten komen.

Naarmate de opleiding van de studenten vordert, zal hij/zij meer taken in de groep gaan uitvoeren. In de eerste drie jaren van de opleiding is het de bedoeling dat de groepsleerkracht in de groep aanwezig is wanneer de student lesgeeft. In het vierde jaar van de PABO geldt een andere regeling. De studenten gaan dan namelijk WPL-stage doen. WPL staat hier voor Werk Plek Leren. De groepsleerkracht blijft echter te allen tijde de eindverantwoording behouden.

Dit betekent dat de student in feite zorg draagt voor de invulling van het onderwijs, uiteraard in overleg met de groepsleerkracht. De groepsleerkracht is ook niet meer altijd in het lokaal aanwezig tijdens de door de student gegeven lessen. De enige uitzondering op deze regel zijn de gymlessen. Tijdens deze lessen is de groepsleerkracht aanwezig.

De vierdejaars studenten beschouwen we binnen onze school als een startende leerkracht, die dan ook de nodige begeleiding krijgt.

terug naar inhoudsopgave

 

6. VEILIGHEID EN WELBEVINDEN

 

6.1 Sociale Veiligheid 

Omgangsprotocol

Op 8 oktober 2001 is door het team, de MR en Ouderraad het volgende omgangsprotocol vastgesteld:  

Onze school is een school waar geloven en culturen elkaar ontmoeten. Kinderen, ouders en leerkrachten met verschillende achtergronden komen samen om met elkaar te werken.

Ontmoeting krijgt pas gestalte in een veilige, geborgenheid biedende omgeving, waarin respect en verantwoordelijkheid is voor elkaar. Een veilige omgeving ontstaat niet zomaar. Daar moet voortdurend door iedere betrokkene, kind, ouder en leerkracht aan meegewerkt worden.  

Hieronder staan drie basisregels, die bij naleving meehelpen aan het in stand houden van een veilig klimaat. Zij beschrijven de waarden, die de achtergrond vormen voor de omgang met elkaar binnen onze school. Onze school staat voor respect, verantwoordelijkheid voor elkaar en samenwerking.  

Binnen de school hebben kinderen en leerkrachten in de groepen samen groepsregels afgesproken. Elke groep bespreekt deze ieder schooljaar opnieuw. In deze regels zijn de drie waarden zonder meer te herkennen. De gezamenlijkheid van de groepsregels leidt tot een schoolprotocol, geldend voor de gehele school. Ook uit dit schoolprotocol zijn de drie leefregels weer af te leiden.

Hieronder treft u de drie omgangsregels voor de Kameleon aan.
Wij, kinderen, ouders en leerkrachten hebben als taak de regels in de omgang met elkaar tot uiting te laten komen.  

RESPECT

Iedereen in de wereld heeft het recht om waardig en respectvol te leven, met andere woorden: niet apart maar samen.

Wij, de kinderen, ouders en leerkrachten hebben in de eerste plaats respect voor elkaar, elkaars eigendommen, onze omgeving en onszelf.  

VERANTWOORDELIJKHEID

Verantwoordelijkheid is accepteren wat gedaan kan en moet worden en dat zo goed mogelijk doen.

Wij, de kinderen, ouders en leerkrachten zijn verantwoordelijk voor ons eigen gedrag en voor de afspraken die wij samen maken.

 

SAMENWERKEN

Samenwerken is het werken aan een gemeenschappelijk doel.

Wij, de kinderen, ouders en leerkrachten streven naar een goed evenwicht tussen geven en nemen, met respect voor jezelf en de ander.

terug naar inhoudsopgave  

Het schoolprotocol

Respect

gedraag je bij een ander alleen zoals je het zelf ook wilt
raak een ander alleen aan, wanneer de ander dat goed vindt
we noemen elkaar alleen bij de voornaam
wanneer je merkt dat je boos bent, praat er dan over, lukt dit niet, ga dan naar de leerkracht
het maakt niet uit hoe je eruit ziet; we hebben respect voor ieders smaak/mening
pestgedrag zoals uitlachen, negeren, buitensluiten, dreigen, stoken, dingen afpakken wordt niet geaccepteerd

§         zomaar klikken mag niet, maar wel als het om de regels uit het omgangsprotocol gaat  

Verantwoordelijkheid

we proberen zo goed mogelijk te luisteren en op onze beurt te wachten
we denken na bij wat we doen; wat we zelf niet leuk vinden doen we dus niet bij een ander
als we iets zien gebeuren wat “niet kan”, dan doen we daar iets aan
we zorgen er samen voor dat iedereen goed kan opletten en doorwerken
we zijn zuinig op al ons materiaal en op onze omgeving
we houden ons aan afspraken die we maken en zijn daar zelf verantwoordelijk voor

 

Samenwerken

samen spelen, samen delen
iedereen hoort erbij
als je samenwerkt moet je geven en nemen
we helpen elkaar, dat betekent:

·         we zien wanneer iemand hulp nodig heeft

·         we vragen –indien nodig- zelf om hulp

 terug naar inhoudsopgave  

Het groepsprotocol

Aan de hand van het schoolprotocol wordt er in alle klassen een groepsprotocol gemaakt.  

Het internetprotocol

Ga nooit zonder toestemming op het internet
Bezoek alleen veilige sites
Geef nooit je naam, adres of telefoonnummer door
Bestanden opslaan of printen: vraag eerst toestemming
Vertrouw je iets niet: waarschuw de leerkracht
Chatten op school mag niet

Het weblogprotocol

De Kameleon heeft ook een weblogprotocol. Dit protocol ligt op beide locaties ter inzage.  

Veiligheidsplan

Veel van de schoolspecifieke zaken zijn opgenomen in het Schoolplan 2007- 2011. In de notitie “Veilig op school” staat het bovenschoolse veiligheidsbeleid alsmede de punten die gemeenschappelijk worden aangepakt. De notitie “Veilig op school” en het schoolspecifieke deel van het veiligheidsplan vormen samen het veiligheidsbeleid van de school. Zoals beschreven in het schoolplan, vormen de drie waarden respect, verantwoordelijkheid en samenwerking het uitgangspunt voor het (veilig) leren en werken op de Kameleon.  

Inventarisatie documenten & procedures

De school beschikt over de volgende documenten:

·         ARBO-beleidsplan, waaronder de Risico-inventarisatie en -evaluatie

·         Ontruimingsplan (wordt jaarlijks aangepast)

·         Veiligheidsplan gemeente Maarssen

·         Omgangsprotocol leerlingen, ouders en leerkrachten

·         De methode “kinderen en hun sociale talenten”

·         De catechesemethode “Trefwoord”

·         De SOVA-training voor individuele kinderen

·         De methode “Ik, jij, wij”

·         Het SCOLL – leerlingvolgsysteem voor sociaal-emotionele ontwikkeling

 

Inventarisatie & analyse van de situatie op school

Uit de tevredenheidspeiling onder ouders, leerlingen en leerkrachten in april 2008 zijn geen aandachtspunten gekomen m.b.t. de fysieke en sociale veiligheid.    

Aanpak van schoolspecifieke punten

Wij vinden het belangrijk om preventief te werken in plaats van curatief. Bovenstaande documenten en procedures vormen daarbij het uitgangspunt. 

Communicatie

·         Medewerkers worden op de hoogte gehouden via teamvergadering, bouwoverleg en interne mail / mededelingen.

·         Ouders via schoolgids, weekinfo en de web-site. De oudergeleding van de Medezeggenschapsraad bij de bespreking van de verschillende beleidsstukken.

·         Leerlingen worden op de hoogte gehouden via de leerkrachten tijdens de SOVA-training, de jaarlijkse introductie van de vertrouwenspersonen en de groepen en gesprekken waarbij sociale veiligheid ter sprake komt .  

Evaluatie

·         Tweejaarlijkse tevredenheidspeiling onder ouders, leerlingen en personeel

·         Jaarlijkse klassenbezoeken door directie en intern begeleider

·         Evaluatie van de methode “Ik, jij, wij”

·         Evaluatie van de SOVA-training, algemeen en per deelnemer

·         Evaluatie van de jaarlijkse ontruimingsoefeningen, op school- en complexniveau

·         SCOLL-leerlingvolgsysteem

·         Evaluatie van het gemeentelijk Veiligheidsplan in het Groot Directieberaad Maarssen

 terug naar inhoudsopgave  

UVL Utrechts Veiligheids Label

De Kameleon is bezig met het verkrijgen van het UVL (Utrechts verkeersveiligheidslabel). Dit Utrechts VerkeersveiligheidsLabel  is het Utrechtse kwaliteitskeurmerk voor basisscholen die verkeerseducatie van de leerlingen en verkeersveiligheid rond de school structureel aanpakken. Ook andere provincies hebben een verkeersveiligheidskeurmerk voor scholen.

Een school die het Label wil halen, moet structureel aandacht besteden aan de volgende aspecten:

1.      de schoolorganisatie

2.      verkeerslessen en –projecten in de klas

3.      praktijklessen

4.      de schoolomgeving en de school-thuisroutes

5.      communicatie met en betrokkenheid van de ouders  

 

              Fysieke veiligheid

De schoolgebouwen en de directe omgeving daarvan moeten veilige plekken zijn voor kinderen, ouders en leerkrachten. In het ARBO-beleidsplan, de Risico-inventarisatie en -evaluatie en in het daarvan afgeleide ARBO-jaarplan wordt aandacht besteed aan dit aspect van veiligheid. Er is op school een preventiemedewerker/arbo-coördinator. Deze medewerker ziet toe  op de naleving van de veiligheidsvoorschriften  

6.3   Alcohol en drugs

Voor en tijdens schooltijd wordt, evenals tijdens de pauze(s), geen alcohol en/of drugs gebruikt. Tijdens avondactiviteiten in en van de school is het gebruik van alcohol alleen toegestaan door personen van 16 jaar en ouder.

 

 

6.4   De positie van begeleidende ouders bij schoolactiviteiten

Basisvoorwaarden:

1.      de school is verantwoordelijk en aansprakelijk bij alle schoolactiviteiten waartoe de school het initiatief genomen heeft.

2.      ouders begeleiden leerlingen bij schoolactiviteiten onder verantwoording en aansprakelijkheid van school.

3.      de school zorgt voor een schriftelijke instructie met een mondelinge toelichting aan de begeleidende ouders

4.      de begeleidende ouders dienen zorg te dragen voor het welzijn van de aan hun toevertrouwde kinderen.

5.      Bij het vervoer van kinderen dient iedere betrokkene zich te houden aan  de vigerende verkeerswetgeving.

6.      Alleen die personen die beschikken over een geldige inzittendenverzekering, mogen kinderen namens de school vervoeren.

 

Een mondelinge toelichting bij schriftelijke instructie

1.      voor iedere activiteit met inzet van ouders gelden aparte instructies

2.      de instructie dient een duidelijke en concrete invulling te hebben

3.      de school maakt de instructies eventueel met behulp van de ouderraad

 

Hoe te handelen bij incidenten door begeleidende ouders

1.      veilig stellen van de eigen groep kinderen

2.      zorgen voor het welbevinden van het slachtoffer (slachtoffers)

3.      bij interne schoolactiviteiten het aanspreken van het van tevoren aangewezen teamlid van de school

4.      bij externe schoolactiviteiten (buiten school en/of buiten schooltijd) het oproepen via mobiele telefoon van het van tevoren aangewezen teamlid van de school

Taken van het ‘calamiteiten teamlid’ van school

1.      per activiteit wordt vastgesteld wie het ‘calamiteiten teamlid’ is, dat wil zeggen wie er bij de betreffende activiteit het aanspreekpunt is in geval van calamiteiten.

2.      overnemen van het slachtoffer van de begeleidende ouder

3.      verzamelen van getuigenverklaringen en hiervan aantekeningen maken, i.v.m. verhaal achteraf

4.      op de hoogte brengen van de betrokken leerkracht(en) van de betreffende leerlingen

5.      op de hoogte brengen van de betrokken ouders

6.      verzorgen van nazorg voor de begeleidende ouder

terug naar inhoudsopgave  

6.5   Klachtenprocedure

Een goed, veilig klimaat en goede contacten onderling zijn een voorwaarde voor goed functioneren. Toch kan er een situatie denkbaar zijn waarin en waardoor een klacht ontstaat. Er moeten dan maatregelen getroffen worden. Bij klachten van welke aard dan ook, moet eerst een oplossing gezocht worden tussen beide partijen. Lukt dit niet dan kan een klacht mondeling of schriftelijk ingediend worden bij de directeur. De directeur meldt de klacht bij het bevoegd gezag (schoolbestuur).

De klager kan zich ook wenden tot de schoolcontactpersoon op onze school.  

6.5.1   Wie zijn  /  wat doen schoolcontactpersonen?

Schoolcontactpersonen zijn door het bevoegd gezag (bestuur) aangewezen personen. Zij vormen het meldpunt voor klachten op de school.

Hun taken zijn:

§         zorg voor de eerste opvang van de klager

§         verwijzing naar de vertrouwenspersoon

§         oog hebben voor het effect van de klacht binnen de school

 

Onze school heeft twee schoolcontactpersonen:  

Sonja van Enk, bereikbaar op school (locatie Duivenkamp, tel. 567697 of   Greet Corstiaans , bereikbaar op school (locatie Kamelenspoor, tel. 567470)

Zij zijn de schoolcontactpersonen voor klachten/problemen over:

§         pesten

§         mishandeling

§         discriminatie

§         onheuse bejegening

§         fysiek geweld

§         inbreuk op privacy

§         didactische aanpak

§         pedagogische aanpak

§         organisatorische aanpak

§         ongewenste intimiteiten  

terug naar inhoudsopgave

 

6.5.2   Externe vertrouwenspersoon

De door het bevoegd gezag aangewezen persoon, die als aanspreekpunt voor de contactpersoon en/of klager functioneert. Zijn/haar taak is:

§         overleggen met de schoolcontactpersoon

§         bemiddelen

§         verwijzen

§         ondersteunen bij het indienen van een klacht

 

Het bestuur heeft als vertrouwenspersonen benoemd, conform de klachtenregeling:

De heer M.J. Jannink                         Mevrouw M. van Schaik-van Oostwaard                

Mozartlaan 39                                    Wibautstraat 26

3603 BD  Maarssen                           3601 XE  Maarssen

tel. 0346-576257                                tel. 0345-561128

 

Begripsbepaling ‘klager’

Allen die deel uitmaken van de schoolgemeenschap, waaronder een leerling, de ouder(s)/verzorger(s) van een minderjarige leerling, een lid van het onderwijzend of onderwijsondersteunend personeel, een lid van de directie, een bestuurslid of een vrijwilliger die werkzaamheden verricht voor de school, die een klacht, van welke aard dan ook, heeft ingediend bij de contact/vertrouwenspersoon, de klachtencommissie, de schoolleiding of het bevoegd gezag.

 

Begripsbepaling ‘ ongewenste intimiteiten’

Ongewenste, seksueel getinte, aandacht binnen of in samenhang met de onderwijssituatie, die tot uiting komt in verbaal, nonverbaal of fysiek gedrag.

Dit gedrag wordt door degene die het ondergaat, ongeacht sekse en/of seksuele voorkeur, ervaren als ongewenst en onplezierig. Seksueel intimiderend gedrag kan zowel opzettelijk als onopzettelijk zijn.

Tot de onderwijssituatie behoort iedereen die bij de school betrokken is, dus ook hulpouders, conciërges en schoonmakers. 

Ons bestuur heeft het landelijk model klachtenregels ondertekend. Deze regels zijn op te vragen bij de directeur c.q. vertrouwenspersoon.  

terug naar inhoudsopgave

 

7.DE OUDERS  

Het belang van de betrokkenheid van ou­ders

Goed onderwijs is een verantwoordelijkheid van school én ouders. We proberen ouders zoveel mogelijk bij de school te betrekken. Samen met ouders willen we denken over en werken aan ons onderwijs.  

Inspraak  

De ouderraad

De ouderraad vormt het bestuur van de oudervereniging. Deze raad wordt gevormd door een groep ouders, die kinderen heeft op onze school. De ouders worden voor een periode van 3 jaar gekozen tijdens een algemene vergadering en zijn in principe herkiesbaar. De ouderraad stelt zich ten doel de samenwerking tussen school en ouders te bevorderen. De ouderraad zet zich vooral in bij het mede organiseren van allerlei activiteiten op school, zoals de sinterklaasviering, de Kerstviering, het kleuterfeest, de organisatie van de schoolfotograaf enzovoorts. Er is een reglement waarin de wijze van functioneren is vastgelegd. Dit reglement is opvraagbaar bij de ouderraad. De ouderraad vergadert ongeveer 7 keer per jaar. Bij de ouderraadsvergaderingen is namens het team in ieder geval de directie vertegenwoordigd.  

Medezeggenschapsraad

Onze school heeft een wettelijke verplichting tot instelling van een medezeggenschapsraad (MR), een inspraakorgaan tussen school, ouders en bestuur.

De MR werkt volgens een reglement dat is afgeleid van de nieuwe wet op de medezeggenschap die in 1993 is ingegaan. Zaken die gelden voor alle scholen die vallen onder ons bestuur worden geregeld in de G.M.R. (Gemeenschappelijke Medezeggenschaps Raad).

De MR bestaat uit 3 ouders en 3 teamleden. Eventuele verkiezingen vinden plaats aan het einde van het schooljaar.  

Klassenouders

Onze school kent het systeem van klassenouders. Iedere klas wordt vertegenwoordigd door een ouder. Klassenouders vormen een schakel tussen de klassen en de ouderraad. De inzet van klassenouders is vooral een praktische: helpen bij activiteiten in de klas, het mee-organiseren van festiviteiten, vieringen in de klas enz. Klassenouders vergaderen ongeveer 5 keer per jaar met de directie van de school.  

Wat houdt het klassenouder zijn in?

Gedurende het schooljaar ben je de spreekbuis van de ouders naar de leerkracht en van de leerkracht naar de ouders. Communicatie met de leerkracht is dus belangrijk. Het komt wel eens voor dat ouders niet blij zijn met een bepaalde gang van zaken in de klas, en je dan als klassenouder daarop aanspreken. Verwijs in zo’n geval altijd naar de leerkracht, ga daar als klassenouder niet tussen zitten!
Daarnaast heb je ook een signaalfunctie: soms hoor je wel eens iets op de speelplaats: als je denkt dat dit van belang is, bespreek het met je leerkracht of met Hans.  

Belangrijk:

-          eigen initiatief

-          actieve houding

-          beetje vooruitdenken richting drukke periodes(Sint, Kerst, kleuterfeest, pyjamafeest groep 2, einde schooljaar etc.)  

wat mag je doen:

-          meehelpen met evenementen als Kerst, kleuterfeest etc.

-          voorbereiden van feest/eventement bijv. intekenlijsten maken, extra hulp vragen, helpen met klaarzetten van bekertjes, grote kannen etc

-          klassenschoonmaak(hulp vragen)

-          meegaan met excursies, evt. extra hulp vragen aan andere ouders van de klas

-          zelf vragen of er nog iets te doen is, of zelf  met ideeën komen  

Samenvattend:

Wees als klassenouder zichtbaar voor de andere ouders, houd goed contact met je leerkracht en wie weet maak je zomaar vanaf  “de andere kant”  in de klas een gezellig jaar mee…….

Kadootje voor jezelf én je kind…………………-           

Bereikbaarheid

In verband met onverwachte gebeurtenissen willen wij graag weten waar u eventueel telefonisch te bereiken bent. Geeft u daarom altijd een telefoonnummer door van uw werk of van uw oppas, ook aan de “overblijfcoördinator”.  

Ouderactiviteiten

Voor bepaalde activiteiten wordt de hulp van ouders gevraagd.

Hulp is o.a.nodig bij:

§         begeleiden bij lezen 

§         werken in het documentatiecentrum

§         handvaardigheid

§         het begeleiden van excursies

§         begeleiden bij sport- spel en feestactiviteiten

§         de oud papier actie (OPA)

§         het schoonmaken van meubilair en materiaal.  

U kunt zich opgeven via oproepen die verschijnen in de weekinfo.  

terug naar inhoudsopgave  

Contact en overleg leerkracht en ouders over het kind

Wilt u een gesprek met een van de leerkrachten, dan kan dit altijd. Maakt u even een afspraak voor of na schooltijd. Het kan ook zijn dat de leerkracht een afspraak met u maakt. Dit gesprek kan op school of via een huisbezoek plaatsvinden.

In hoofdstuk 4.2 en 4.4 staan de contactmogelijkheden tussen school en ouders verder beschreven.  

Ouderbijdragen

De meeste activiteiten op school kunnen worden betaald uit de gelden die de overheid

beschikbaar stelt. Er is een aantal activiteiten, waarvan wij als school vinden dat ze erg belangrijk zijn, maar waarvoor geen vergoeding is. Bij de organisatie en uitvoering van deze activiteiten speelt de ouderraad een belangrijke rol. Om deze activiteiten toch te kunnen organiseren vragen wij aan de ouders een bijdrage van € 42,- per kind. Bij het aanmelden van de leerling is door de ouders toestemming gegeven lid te worden van de Oudervereniging. Dit geeft tevens aan dat zij akkoord gaan met het lidmaatschap van deze Oudervereniging. De inning van deze vrijwillige bijdrage vindt aan het begin van het schooljaar plaats. Jaarlijks legt de penningmeester van de Ouderraad verantwoording af over de besteding van de gelden.

De bijdrage wordt onder meer gebruikt voor:

§         kosten rond vijf december

§         Kerst  

§         Pasen

§         1e communie en vormsel

§         de kosten voor kleuterfeest

§         de kosten voor schoolreis

§         de kosten voor schoolkamp

§         afscheidsherinnering voor groep 8

§         inschrijfgeld teamsporten

§         de kosten van zangfestival/musical

§         de reproductiekosten voor de schriftelijke informatievoorziening aan de ouders.

§         koffie voor hulpouders (onder schooltijd) en ouders tijdens info-bijeenkomsten en   oudergesprekken  

 

Mocht uw financiële situatie een bijdrage niet toelaten, kan er gebruik gemaakt worden van de U-pas die aan te vragen is bij de gemeente Utrecht. Informatie hierover is te verkrijgen bij de schoolleiding/administratie.

Bij inschrijving wordt bovenstaande met de ouder(s) besproken.

terug naar inhoudsopgave  

Informatievoorziening aan ouders over het onderwijs en de school

Schoolgids

Ieder gezin krijgt eenmaal deze schoolgids.

De gids bestaat uit een algemeen gedeelte en (als jaarlijkse bijlage) een deel dat specifiek betrekking heeft op een bepaald schooljaar. Jaarlijks wordt de inhoud van de schoolgids, na instemming van de Medezeggenschapsraad, opnieuw vastgesteld. Alle ouders ontvangen jaarlijks van de aanpassingen en aanvullingen een bijlage.

Op onze website vindt u altijd de meest actuele informatie.  

Kalender

Ieder schooljaar krijgt elk gezin een kalender waarop alle belangrijke gebeurtenissen voor het hele schooljaar vermeld staan. Dit betreft onder meer: vakanties en vrije dagen, rapportavonden, vieringen, oud papier actie (OPA), schoolkamp, schoolreis.  

Weekinfo

Iedere dinsdag gaat via het oudste kind uit elk gezin een Weekinfo mee naar huis. Daarin staat de informatie van de school, de ouderraad en de medezeggenschapsraad, zowel voor alle ouders, als voor ouders van specifieke groepen. Ook wijzigingen in de kalender en studiedagen voor het team staan in de Weekinfo vermeld. Als er naast de Weekinfo nog andere schriftelijke informatie mee naar huis gaat, gebeurt dit zo mogelijk ook op dinsdag en wordt dit indien mogelijk in de Weekinfo vermeld. De Weekinfo wordt ook wekelijks opgenomen op de website (www.kameleon-maarssen.nl )  

Informatieavonden

In het begin van het schooljaar zijn er informatieavonden. Hier wordt u ingelicht over de manier van lesgeven, de methoden en de leerstof. Op zo’n avond kunt u boeken en materialen inzien en met uw vragen komen.

Voor de ouders van de groepen 7 is er in maart/april een informatieavond over het verwijzingsproces naar het voortgezet onderwijs.

Rond speciale onderwerpen kunnen er in de loop van een schooljaar nog informatieavonden georganiseerd worden.  

Inloopavonden

We houden twee keer per jaar een inloopavond van 18.00 tot 19.00 uur. Ouders en leerlingen zijn welkom in alle lokalen om schriften, boeken en ander werk te bekijken. Het kind is op deze avond de gids voor de ouders.   

Web-site

Op onze web-site treft u de meest actuele informatie aan over de school en de activiteiten van de school, de Ouderraad en de MR. Op de Website en de daaraan gelinkte groepsweblogs komen regelmatig foto’s van (groepjes)kinderen. Wilt u liever niet dat uw kind op de foto komt die op de website of op de weblog te zien zijn, dan kunt u dit schriftelijk melden bij de directie.

terug naar inhoudsopgave  

8.DE ONTWIKKELING VAN HET ONDERWIJS IN DE SCHOOL

 

 

8.1   Activiteiten ter verbetering van het onderwijs in de school

a.         Regelmatig nemen wij onze leermethoden onder de loep en stellen, waar wenselijk,
            onderdelen bij.

b.         Het team wordt begeleid in het verder invoeren van de computer in het onderwijs.

c.         Jaarlijks volgen de teamleden één of meerdere cursussen ten behoeve van hun eigen
           
groep, schooltaken, zorg en de ontwikkeling van het schoolbeleid.

d.         Frequent overleg zoals: parallel-, bouw- en teamvergadering.

e.         Interpreteren van de LVS-toetsen en waar nodig het onderwijs aanpassen,  

terug naar inhoudsopgave  

8.2   Zorg voor de relatie school en omgeving

Samen met de basisscholen die vallen onder het bestuur van de Scholenstichting Pastoor Ariëns, proberen we zo veel mogelijk zaken stichtingsbreed aan te pakken.

Wij maken deel uit van het samenwerkingsverband Maarssen, waarin alle basisscholen en de school voor speciaal basisonderwijs “Het Klaverblad” in Pauwenkamp zitting hebben.

Verder werken we onder meer samen met:

§         het Milieu Educatief Centrum (MEC) in Reigerskamp;

§         de afdeling jeugdgezondheidszorg van de GGD West-Utrecht;

§         de bibliotheek in Bisonspoor

§         opleidingsscholen voor leerkrachten basisonderwijs

§         het buurtnetwerk Jeugdhulpverlening Maarssen

§         schoolbegeleidingsdienst Eduniek te Maartensdijk.

§         de Verrijzeniskerk

§         Kunst Centraal

§         de wijkagent

§         scholen voortgezet onderwijs

§         gemeente

 

terug naar inhoudsopgave  

 

9.DE RESULTATEN VAN HET ONDERWIJS

 

9.1 Cijfers over specifieke zorg voor leerlingen

Twee keer per jaar worden aan de hand van groepsoverzichten over de resultaten van lezen, spellen, rekenen en sociaal-emotionele ontwikkeling alle groepen besproken door de groepsleerkrachten en de Intern Begeleider.  

Aantal leerlingen dat gemiddeld per schooljaar hulp van de remedial-teacher krijgt

 

50

Gemiddeld aantal verwijzingen naar scholen voor speciaal onderwijs en speciaal basisonderwijs per schooljaar

 

4

Aantal leerlingen dat per jaar sova-training krijgt

6

Aantal leerlingen van De Kameleon dat gemiddeld besproken wordt in het buurtnetwerk  jeugdhulpverlening

 

5

 terug naar inhoudsopgave

 

9.2 Gegevens over vorderingen in basisvaardigheden

Naast de methodegebonden toetsen om de voortgang van het onderwijs aan de leerlingen in beeld te brengen, worden ook de methodeonafhankelijke toetsen van het CITO-leerlingvolgsysteem gebruikt. Bij de kinderen van de groepen 1en 2 worden twee keer per jaar de toetsen “Taal voor kleuters” en “Ordenen” afgenomen. In de groepen 3 t/m 8 worden de toetsen rekenen en wiskunde, spelling, woordenschat, begrijpend- en technisch lezen (groep 3 en 4) afgenomen. Eind groep 7 wordt de entreetoets fagenomen. De resultaten van deze toetsen zijn voor de Inspectie van het Onderwijs aanleiding om onze school op het gebied van de leeropbrengsten een voldoende waardering te geven. De ouders worden twee maal per jaar door middel van een schriftelijk rapportage geïnformeerd over de vorderingen van hun kind.

terug naar inhoudsopgave  

 

9.3 Uitkomsten van ouderenquête over de kwaliteiten van de school

De resultaten van onderwijs kunnen we ook afleiden uit de reacties van ouders, leerlingen en personeel. De in april 2008 gehouden tevredenheidsenquête was voor ons een graadmeter om te zien hoe tevreden deze geledingen over onze school zijn. De uitvoering van deze enquête is verzorgd door het Bureau voor Praktijkgericht Onderzoek te Groningen. Wij zijn van plan deze enquête elke twee jaar af te nemen.

We geven hieronder een aantal aspecten uit de enquête aan:  

De ouders: De enquête geeft een duidelijk beeld van de tevredenheid van de ouders over de school van hun kinderen. Het  landelijk gemiddelde rapportcijfer dat ouders aan de school van hun kind geven is 7.5. Voor onze school is dit cijfer een 7.4. In de normering van het onderzoeksbureau krijgt De Kameleon hiermee de waardering: “ruim voldoende”.  

In de enquête scoorde een aantal “pluspunten van de school” hoog, waaronder:

§         mate waarin leraar naar ouder luistert (93%)

§         inzet en motivatie leerkracht (92%)

§         huidige schooltijden (91%)

§         omgang leerkracht met leerlingen (90%)

§         aandacht voor normen en waarden (89%)

§         duidelijkheid van schoolregels (89%)

§         regels, rust en orde op school (88%)

§         veiligheid op het plein (87%)

§          informatievoorziening over de school (87%)

§         vakbekwaamheid leerkracht (87%)

§         informatievoorziening over het kind (87%)

 

De kritiekpunten die genoemd zijn:

§         hygiëne en netheid binnen de school (48%)

§         speelmogelijkheden op het plein (41%)

§         veiligheid op weg naar school (30%)

§         aandacht voor pestgedrag (19%)

§         omgang van de kinderen onderling (19%)

§         overblijven tussen de middag (16%)  

De leerlingen: De enquête geeft een duidelijk beeld van de tevredenheid van de leerlingen met hun school. Het  landelijk gemiddelde rapportcijfer dat kinderen aan hun school geven is 8.0. Voor onze school is dit cijfer een 8.0. In de normering van het onderzoeksbureau krijgt De Kameleon hiermee de waardering: “goed”.  

In de enquête scoorde een aantal “pluspunten van de school” hoog, waaronder: