Katholieke
basisschool
|
schoolgids 2010INFORMATIE SCHOOLJAAR 2010-2011 3.
DE
ORGANISATIE VAN SCHOOL EN ONDERWIJS 8.
DE
ONTWIKKELING VAN HET ONDERWIJS IN DE SCHOOL 9.
DE
RESULTATEN VAN HET ONDERWIJS
EEN
WOORD VOORAF
Beste
ouder(s), verzorger(s), Vanuit het ministerie van Onderwijs, Cultuur & Wetenschappen zijn instrumenten voor kwaliteitsbeleid van scholen ontwikkeld. De schoolgids is daar een voorbeeld van. Onze
school geeft met ingang van het schooljaar 1997-1998 een schoolgids uit. In de
schoolgids vindt u alle benodigde informatie die betrekking heeft op de gang van
zaken in onze school. De gids bestaat uit een algemeen gedeelte en (als
jaarlijkse bijlage) een deel dat specifiek betrekking heeft op een bepaald
schooljaar. Jaarlijks wordt de inhoud van de schoolgids, na instemming van de
Medezeggenschapsraad, opnieuw vastgesteld. Alle ouders ontvangen jaarlijks van
de aanpassingen en aanvullingen een bijlage. Op onze website vindt u altijd de
meest actuele informatie. Bij het samenstellen van de schoolgids heeft ondermeer hetgeen ouders ingevuld hebben bij de ouderenquête van april 2008, als leidraad gediend. Datgene wat u als ouder(s) belangrijk vindt om een verantwoorde keuze te maken voor een school voor uw kind(eren), vindt u in deze schoolgids terug. Veel waarde hecht u aan informatie over: § wat karakteristiek is voor de school, wat de prioriteiten van de school zijn; § de aanpak van het lees-, taal- en rekenonderwijs; § de wijze waarop alle kinderen van de school begeleid worden bij het leren; § de verschillende soorten van speciale hulp die de school kan bieden voor leerlingen met leer- en gedragsproblemen; § de wijze waarop u betrokken kunt raken bij het onderwijs van uw kind(eren); §
hoe leerlingen en ouders moeten worden voorgelicht bij de overgang
van basisonderwijs naar voortgezet onderwijs Het kiezen van een juiste basisschool is niet altijd even makkelijk. U kiest immers voor een langere periode van contact met mensen en een vorm van onderwijs, die u aanspreekt en waarvan u vindt dat het bij uw kind(eren) past. Van ouders die voor hun kind onze school kiezen, verwachten wij dat zij onze doelstellingen en uitgangspunten onderschrijven. Wij
hopen dat deze schoolgids u behulpzaam kan zijn bij het maken van die keuze en
tevens hopen wij dat u, als uw keuze op onze school is gevallen, achteraf kunt
concluderen dat het een goede keuze is geweest. Mocht
u naar aanleiding van de inhoud vragen en/of opmerkingen hebben, dan kunt u
altijd bij de directie van de school terecht. Een vriendelijke groet, het team van katholieke basisschool ‘De Kameleon’ . INFORMATIE SCHOOLJAAR 2010-2011
De school De
Kameleon (locatie
Duivenkamp)
(locatie Kamelenspoor) Duivenkamp
549
Kamelenspoor 81 3607
BL Maarssen
3605 ED Maarssen e-mail:
administratie@kameleon-maarssen.nl
Directie
TEAMLEDEN Groepsleerkrachten
REGELING SCHOOL- EN VAKANTIETIJDEN
Schooltijden
Ochtendpauze
locatie Duivenkamp De groepen 3, 4 en
5 hebben ochtendpauze van
10.00 tot
10.15 uur. De groepen 6, 7 en 8 hebben ochtendpauze van 10.15 tot 10.30 uur. Ochtendpauze locatie Kamelenspoor De groepen 3, 4, 5
en 6 hebben ochtendpauze van 10.00
tot 10.15 uur. De groepen 7 en 8 hebben ochtendpauze van 10.15 tot 10.30 uur. Tropenrooster
In de zomer kunnen de temperaturen buiten oplopen tot boven de 25° C. De onderwijsinspectie heeft een aantal voorwaarden opgesteld waaraan moet
worden voldaan om een tropenrooster te kunnen draaien. Het rooster voor deze dagen zou er als volgt uit kunnen zien: - begintijd school
:
08.00 uur - tijdens schooltijd:
2 korte pauzes - eindtijd school:
14.00 uur. Als we een tropenrooster gaan draaien, hoort u dit via de Week Info of een extra briefje.
Zowel
voor de onder- als de bovenbouw komt het aantal lesuren boven het wettelijk
minimum van 880 respectievelijk 1.000 uren. Verzuim/extra
verlof
Kinderen
moeten op elke doordeweekse dag naar school. Bij bepaalde bijzondere
omstandigheden kunnen zij extra verlof krijgen. Dit geldt uitsluitend voor
eenmalige gezins- of familiesituaties die buiten de wil of invloed van de ouders
of het kind liggen. Uitgangspunt bij het verlenen van extra verlof is dat door
het verlof een onredelijke situatie wordt voorkomen. Extra verlof is mogelijk als de volgende
omstandigheden zich voordoen:
1e
graad: ouders 2e
graad: grootouders,
broers en zussen 3e
graad: overgrootouders,
ooms, tantes, neven en nichten (kinderen van broers en zussen) 4e
graad: neven en nichten
(kinderen van ooms en tantes) betovergrootouders, oudooms en oudtantes,
achterneven en achternichten (kinderen van broers en zussen) De Leerplichtwet kent geen snipperdagen (om
bijvoorbeeld een dag eerder met wintersport te gaan om de files voor te zijn).
Jongeren hebben in een schooljaar voldoende vakantie. Het staat de school
uiteraard vrij een van de vakantiedagen voor dit doel in te leveren, of een
studiedag voor het personeel in te roosteren. Bij de volgende omstandigheden
wordt géén extra verlof gegeven:
VakantietijdenHet
vakantierooster wordt vastgesteld in het Groot Directieberaad Maarssen waarbij
de adviesdata van het ministerie van OC&W uitgangspunt zijn. De vakantiedagen worden zo summier mogelijk ingevuld, zodat er voor de
scholen een zo groot mogelijke beleidsruimte is om de overige marge-uren in te
zetten, bijvoorbeeld voor studiedagen voor de leerkrachten. Dit heeft tot gevolg
dat er verschil kan ontstaan tussen scholen, omdat niet iedereen op dezelfde dag
de studiedagen zal plannen. De Medezeggenschapsraad van de school heeft
instemmingsrecht over het vakantierooster. Onze studiedagen zullen verspreid worden over het hele schooljaar (2010-2011). Wij zijn van mening dat dit de kwaliteit en het rendement van de studiedagen en dus de kwaliteit van ons onderwijs ten goede komt. GYMNASTIEKTIJDEN
SPREEKUREN
‘De
Kameleon’ kent geen vaste tijd voor spreekuur met directie of leerkrachten. Na
afspraak is het over het algemeen mogelijk om op korte termijn een gesprek te
hebben met de directie, de coördinator leerlingenzorg of een groepsleerkracht. CONTACT Telefonisch contact met de school bij voorkeur
vóór of ná de lestijden. - Duivenkamp
tel. 567697 indien
onbereikbaar dan 06-27369175 - Kamelenspoor:
tel. 567470 indien
onbereikbaar dan 06-27369175 ZIEKMELDING
In
geval van ziekte kunt u uw kind vóór schooltijd ziek melden. Dit kan alleen
telefonisch (niet per e-mail) op de eigen locatie (zie contact). OVERBLIJVEN (= Tussen Schoolse
Opvang)
Op
beide locaties bestaat de mogelijkheid dat kinderen overblijven. Ieder kind
krijgt aan het einde van het schooljaar een brief mee over het overblijven, met
daarbij een overblijfkalender en een aanmeldingsformulier. Ouders kunnen
kinderen met dit formulier opgeven als vaste overblijver, maar het is ook
mogelijk om incidenteel over te blijven. In het laatste geval dient de
ouder een strippenkaart aan te schaffen die op school blijft. Met deze
strippenkaart kan 5 keer overgebleven worden. Er wordt tijdig gemeld wanneer en
weer een nieuwe strippenkaart aangeschaft dient te worden. Aan-
en afmelden dient te geschieden door een sms-bericht naar Lia Rooze, TSO-coördinator,
06-18178594
vóór 10:00 uur. In dit bericht dient vermeld te staan: aan/afmelden, naam
kind, datum en (locatie) DK of KS. Dit
geldt zowel voor de vaste overblijvers als de incidentele overblijven. De
financiële administratie is in handen van de school zelf, de coördinatie van
de overblijfouders is in handen van Lia Rooze. GROEPSGROOTTE
Hoewel van
overheidswege geen richtlijnen bestaan t.a.v. maximale groepsgrootte, hanteren
wij voor de groepen 1 – 2 een maximum van 35 leerlingen. ACTIVITEITEN
U
ontvangt naast deze ‘jaarlijks aangepaste pagina’s van de schoolgids’
ook onze kalender. LEERLINGBEGELEIDING
REMEDIAL TEACHERS
COACHING
ICT-COORDINATOR
VAKLEERKRACHT
| ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Vanuit het
Weer Samen Naar School oogpunt, zullen vaker mogelijkheden tot overstap worden
onderzocht. Het initiatief hiertoe ligt bij de school. Voor verdere
informatie verwijzen we naar het Meerjarenzorgplan van het
samenwerkingsverband WSNS Maarssen. | |
| Als ouders
vragen naar informatie in verband met een wens tot overplaatsing, wordt er
in de eerste plaats naar hen geluisterd. | |
| Vervolgens
worden ze terug verwezen naar de directie van de school van herkomst en
wordt gemeld aan de ouders, dat de betreffende directie op de hoogte wordt
gebracht. | |
| De directie
van de school van herkomst wordt op de hoogte gesteld van het verzoek van de
ouders. Als er sprake is van overname van de leerling, moet er vooraf altijd
contact geweest zijn met de directie van de school van herkomst. De ouders
ondertekenen dan ook een formulier, waarop ze toestemming verlenen dat
informatie over hun kind schriftelijk en/of mondeling mag worden doorgegeven
aan de andere school. | |
| Ouders
moeten weten dat er, in het belang van het kind, inzage is in het
leerling-dossier van hun kind en dat de intern begeleiders van de beide
scholen hierover contact hebben met elkaar. Zij hebben daar schriftelijk
toestemming voor verleend (zie voorgaand punt) | |
| Ten aanzien
van overdracht van informatie: een o9nderwijskundig rapport is verplicht.
Het is belangrijk dat juiste en volledige informatie wordt verschaft. | |
| De
beslissing tot eventuele toelating ligt in principe bij de directie van de
“nieuwe school” na onderlinge overeenstemming met de directie van de
school van herkomst. | |
| Periode: |
-
Bij voorkeur niet de
eerste en laatste twee maanden van een schooljaar. Eventueel na een volgende
vakantie. Er moet genoeg tijd zijn om de zaken af te handelen.
-
Bij voorkeur niet in groep
7 of in groep 8
| Probeer als directie/intern begeleider soepel om te gaan met een overstap, vooral als het kind of het gezin er mee geholpen is. Het kan heel goed zijn voor een kind/ een gezin om een nieuwe start te maken/ nieuwe kans te krijgen. |
4.2
Het volgen van de ontwikkeling van de kinderen in de school (leerlingvolgsysteem)
De
wijze waarop het dagelijkse werk van kinderen wordt bekeken en beoordeeld en de
middelen die worden gebruikt om vorderingen van leerlingen te verzamelen.
Door observatie en registratie wordt de ontwikkeling van de leerlingen op diverse gebieden gevolgd.
Vanaf het moment dat de kinderen leren lezen, spellen en rekenen worden de test- en toetsgegevens die bij de gehanteerde methodes horen, ook gebruikt om de vorderingen van de kinderen in beeld te brengen. Deze gegevens zijn vooral van belang om te kunnen bepalen, of de leerling de aangeboden leerstof in voldoende mate beheerst om een volgende leerstap te kunnen maken.
Daarnaast worden in alle groepen onderdelen van het CITO-leerlingvolgsysteem afgenomen.
De verslaglegging over leerlingen door de groepsleerkracht
De groepsleerkrachten houden digitaal de gegevens van de vorderingen van de kinderen bij. Daarnaast wordt van iedere leerling een leerling-dossier bijgehouden. Daarin worden gegevens opgenomen over het gezin, de leerlingbesprekingen, gesprekken met de ouders, speciale onderzoeken, handelingsplannen (schriftelijke vastlegging van extra hulp aan individuele kinderen, met daarbij de beschreven doelen en de manier en het tijdstip van evaluatie), toets- en rapportresultaten van de verschillende jaren. De coördinator leerlingenzorg beheert deze mappen.
In het computer-administratieprogramma worden de algemene gegevens van de leerlingen opgeslagen, alsmede de absentenregistratie.
De privacy-gevoelige gegevens zijn alleen voor de direct betrokkenen toegankelijk.
Teamleden die intern de vorderingen van de leerling
Tijdens
iedere bouwvergadering kan een groepsleerkracht een leerling inbrengen om te
bespreken.
Groepsleerkrachten kunnen altijd op zeer korte termijn bij de intern begeleider
met hun zorgvragen terecht. Periodiek vindt er een gesprek plaats tussen de
groepsleerkrachten en de Intern Begeleider aan de hand van de groepsoverzichten
op het gebied van:
§ taalontwikkeling
§ begrippenkennis
§ sociaal/emotionele ontwikkeling voor de kleutergroepen
en:
§ lezen
§ spelling
§ begrijpend lezen
§ rekenen
§
sociaal/emotionele ontwikkeling voor de groepen 3 t/m 8.
De wijze waarop het welbevinden en de leervorderingen van de kinderen besproken wordt met ouders
Er
wordt twee keer per jaar schriftelijk aan de ouders van kinderen gerapporteerd
over de ontwikkeling van hun kind. Dit gebeurt in principe in de maanden januari
en juni. Bij deze rapporten vinden, met het rapport als uitgangspunt,
tien-minutengesprekken plaats.Voor de leervorderingen gebruiken we in het
rapport een vijf-puntsschaal. Voor de rapportage over het gedrag van kinderen
t.o.v. elkaar, de leerkracht en het werk gebruiken we de termen ‘in orde’ en
‘niet in orde’. Waar ouders of leerkrachten buiten deze vaste
rapportagegesprekken behoefte voelen om over het welbevinden of de vorderingen
van het kind te praten, bestaat altijd de mogelijkheid om daarvoor een afspraak
te maken.
4.3
De speciale zorg voor kinderen met specifieke behoeften
De procedure.
Als een groepsleerkracht vindt dat de dagelijkse zorg in de klas niet voldoende is voor de begeleiding van de ontwikkeling van een kind, wordt dit kind in een leerlingbespreking besproken.
Aan de hand van de daar gekregen adviezen gaat de leerkracht in de groep aan het werk. Als dit niet voldoende resultaat blijkt te hebben, wordt de leerling door de groepsleerkracht besproken met de intern begeleider. Als dit overleg oplevert, dat er nader onderzoek gedaan moet worden bij het kind, worden daarvan de ouders op de hoogte gebracht. De resultaten van nader onderzoek worden met de groepsleerkracht en met de ouders besproken. Aan de hand van het onderzoek wordt een handelingsplan opgesteld. Dit kan worden uitgevoerd door de groepsleerkracht of door een andere leerkracht binnen de school. De resultaten van het handelingsplan worden besproken door de groepsleerkracht en de intern begeleider; is het gewenste resultaat bereikt, dan wordt de behandeling gestopt. Is het gewenste resultaat (nog) niet bereikt, dan wordt of het handelingsplan aangepast of er wordt - uiteraard na overleg met de ouders - de hulp ingeroepen van de Schoolbegeleidingsdienst.
Net
als alle andere basisscholen in Maarssen, maakt ook onze school gebruik van
specialisten van Eduniek, uit Maartensdijk.
Twee vaste medewerkers van Eduniek begeleiden onze school:
§
De een is ons aanspreekpunt voor hulp en begeleiding voor kinderen
die speciale zorg nodig hebben. Hij/zij doet onder andere
onderzoek bij kinderen die op- of uitvallen, adviseert de
leerkracht en/of de intern begeleider bij het opstellen
van een handelingsplan, voert gesprekken met ouders over zijn/haar
bevindingen en adviezen.
§
De ander is ons aanspreekpunt voor hulp en begeleiding van de
schoolleiding op onderwijskundig en organisatorisch gebied.
Ook de onderwijskundige begeleiding van het team als geheel
wordt door hem/haar verzorgd.
De voorzieningen
Als
het mogelijk is, een kind dat speciale zorg behoeft in de eigen groep verder te
helpen, verdient dit de voorkeur. De zorgfunctionarissen ib-er (intern
begeleider) en rt-er (remedial teacher) hebben daarnaast nog gelegenheid om
kinderen met specifieke problemen apart te begeleiden. Per jaar kan de school
voor maximaal 6 kinderen vanaf groep 5 een sociale vaardigheidstraining
verzorgen. Binnen het samenwerkingsverband van Weer Samen Naar School Maarssen
bestaat ook de Permanente Commissie Leerlingenzorg. Na toestemming van de ouders
is het voor basisscholen uit Maarssen mogelijk om hun zorgvraag voor leerlingen
voor te leggen aan deze commissie. In deze commissie zijn het Speciaal Onderwijs
in Maarssen, de Schoolbegeleidingsdienst en de schoolarts vaste leden.
Afhankelijk van de zorgvraag kan deze commissie uitgebreid worden met
bijvoorbeeld een orthopedagoog, een maatschappelijk werker, het Jeugdloket, een
logopedist enz. Sinds augustus 2006 kunnen ouders en leerkrachten een beroep
doen op het schoolmaatschappelijk werk.
Buurtnetwerk
De
school neemt deel aan het Buurtnetwerk Jeugdhulpverlening Maarssenbroek Zuid.
Informatie hierover is te verkrijgen bij de intern begeleider.
Plaatsing en verwijzing van leerlingen met specifieke behoeften
Op ‘De Kameleon’ is zittenblijven en versnellen mogelijk. Als een leerling achterblijft in zijn ontwikkeling is het in een aantal gevallen het beste, om een jaar over te doen. Deze beslissing wordt nooit genomen op grond van een ontwikkelingsachterstand op één gebied. Er moet sprake zijn van achterstand op zowel sociaal-emotioneel gebied als op leergebied. De bedoeling van zittenblijven is altijd het kind meer of betere ontwikkelingskansen te bieden. De beslissing wordt altijd genomen na overleg met de ouders/verzorgers. Het moment van beslissen ligt in principe uiterlijk rond begin mei. Hierdoor is er de mogelijkheid het zittenblijven of versnellen met het kind zo goed mogelijk voor te bereiden, door het voor bepaalde vakgebieden een apart programma te geven, waardoor de kans op succes het grootst is.
Soms komt het voor, dat de ontwikkeling van een individuele leerling zo veel sneller gaat dan die van leeftijdgenoten, dat het verantwoord is deze leerling een klas over te laten slaan.
Zoals er binnen ‘De Kameleon’ speciale aandacht en zorg is voor kinderen die opvallen doordat hun ontwikkeling minder snel verloopt dan je zou mogen verwachten, is die zorg er ook voor kinderen die opvallen doordat hun ontwikkeling (veel) sneller verloopt dan je zou mogen verwachten.
Soms
lukt het, ondanks de inzet van alle beschikbare middelen en hulp, niet om binnen
de school datgene aan een kind te bieden dat nodig is voor de verdere
ontwikkeling van dat kind. Dat is met name zo als een kind zich diep ongelukkig
voelt door zijn leerproblemen en achterstand, en hierbij niet te helpen is. In
overleg met de ouders wordt dan gezocht naar een andere school voor
basisonderwijs, of een speciale school voor basisonderwijs.
4.4
De begeleiding van de overgang van kinderen naar het voortgezet onderwijs
De
voorlichting aan ouders ten behoeve van de schoolkeuze van leerlingen
Na groep acht gaan de kinderen naar het voortgezet onderwijs. Ze hebben de keuze uit vele scholen en soorten van scholen. Wij proberen hen en hun ouders te helpen bij de keuze van de voor het kind beste vorm van voortgezet onderwijs.
In het voorjaar van het jaar waarin de kinderen in groep 7 zitten, is er een informatieavond voor de ouders. Daarop wordt uitleg gegeven over de manier waarop wij het keuzeproces naar het Voortgezet Onderwijs begeleiden. De school gebruikt hiertoe twee ‘externe instrumenten’. Enerzijds is daar de Entreetoets groep 7 van het CITO, daarnaast gebruiken wij twee onderdelen van de NIO-test, die door een extern bureau wordt afgenomen. Deze test geeft inzicht in de intellectuele mogelijkheden van de kinderen. Schoolvorderingen meten we door middel van de toetsen van ons eigen leerlingvolgsysteem en door de gegevens van de Entreetoets.
Mede aan de hand van het resultaat van deze onderzoeken wordt in de tweede helft van groep 8 het uiteindelijke advies gegeven.
Op een informatieavond aan het begin van groep 8 geven de groepsleerkrachten verdere informatie over het voortgezet onderwijs: welke soorten scholen zijn er, wat zijn de doorleermogelijkheden na die scholen, enz. De uitslag van de NIO/CITO wordt ook individueel met alle ouders besproken.
Tijdens een tien-minutengesprek eind november voor ouders en leerlingen van groep 8 geven de leerkrachten een voorlopig advies. Begin januari organiseren de Maarssense basisscholen gezamenlijk een voorlichtingsavond over het voortgezet onderwijs. De scholen voor voortgezet onderwijs uit de regio presenteren zich op die avond aan de ouders. Eind januari of begin februari vinden er op de verschillende scholen in het voortgezet onderwijs open dagen plaats waar leerlingen en ouders kennis kunnen maken met de school. Voor leerlingen zijn er open lesmiddagen om te ervaren hoe een lesmiddag in het voortgezet onderwijs is.
Begin
maart vinden dan de schoolkeuze-adviesgesprekken plaats; de leerkrachten van
groep 8 bepreken met de ouders het ‘Advies- en inlichtingenformulier t.b.v.
het voortgezet onderwijs’. Met dit formulier wordt het kind vervolgens door
onze school aangemeld bij een school voor voortgezet onderwijs.
Soort gegevens die over leerlingen worden verzameld, de wijze van adviseren en de procedure die gevolgd wordt
In de loop van de jaren dat een kind op ‘De Kameleon’ zit, wordt een dossier aangelegd. Hierin zitten in iedere geval afschriften van alle rapporten van het kind. Daarnaast de resultaten van de lees- en spellingtesten vanaf groep 3, alsmede de toetsresultaten uit het CITO-leerlingvolgsysteem. Als er in de loop van de basisschooltijd van een kind sprake is van extra zorg, worden de gegevens hierover ook in het leerling-dossier bewaard. Aan het eind van de basisschoolperiode is er van elk kind op deze manier een goed overzicht aanwezig van diens ontwikkeling.
Naast deze gegevens, waarover de school al beschikt, wordt voor de verwijzing naar het voortgezet onderwijs ook nog gebruik gemaakt van de resultaten van de NIO-test
(zie punt 4.5.).
Op grond van alle genoemde gegevens en na overleg met de leerkrachten van groep 7 en de intern begeleider geeft de leerkracht van groep 8 een advies voor een type school van voortgezet onderwijs.
Het staat ouders overigens vrij om hun kind aan te melden bij een ander type school, dan waarvoor de basisschool geadviseerd heeft. Het is immers hun kind, uiteindelijk zijn de ouders verantwoordelijk voor de aanmelding. In veel gevallen zal een school voor voortgezet onderwijs dan zelf aanvullend onderzoek willen doen.
Over de kinderen die aangemeld zijn bij de verschillende scholen voor voortgezet onderwijs vindt in de maanden april en mei overleg plaats tussen de leerkracht van groep 8 en de brugklascoördinatoren van de scholen voor voortgezet onderwijs. Op deze manier kan een toelichting gegeven worden bij het advies. Ook kunnen wij als basisschool -waar nodig- de school voor voortgezet onderwijs begeleidingsadviezen voor onze leerlingen geven.
Van alle scholen voor voortgezet onderwijs krijgen wij regelmatig een afschrift van de rapporten van onze oud-leerlingen. Op deze manier kunnen wij steeds de kwaliteit van onze adviezen toetsen. De gegevens die wij in de loop van de jaren over een kind verzameld hebben, worden nog vijf jaar op school bewaard, daarna worden zij vernietigd.
4.5
Jeugdgezondheidszorg
Wat is Jeugdgezondheidszorg?
De afdeling Jeugdgezondheidszorg
van de GGD Midden-Nederland begeleidt de gezondheid,
groei en ontwikkeling van kinderen van 4 tot 19 jaar die in deze regio naar
school
gaan. Tot 4 jaar worden de kinderen begeleid door het consultatiebureau voor
zuigelingen
en kleuters.
Elk kind maakt een grote lichamelijke en geestelijke ontwikkeling door. Tijdens
dit
groeiproces wil de afdeling Jeugdgezondheidszorg van de GGD graag samen met de
leerkrachten de gezondheid, de groei en de ontwikkeling begeleiden. In groep 2
van de basisschool wordt u samen met uw kind uitgenodigd door de jeugdarts
(schoolarts) en in groep 6 door de jeugdverpleegkundige. Tijdens het onderzoek
bekijken zij de groei van uw kind, bespreken met u de psychosociale aspecten van
de ontwikkeling en testen zo nodig het gezichtsvermogen en het gehoor. Alle
kleuters van groep 2 worden daarnaast ook door middel van een screening
onderzocht op spraak- en taalgebied door de logopedist van de GGD. Hiervoor
wordt u van tevoren schriftelijk om toestemming gevraagd.
Ook als uw kind niet in groep 2
of groep 6 zit, kunt u contact opnemen met de GGD. Bijvoorbeeld als u vragen
heeft over inentingen, de gezondheid, logopedische vragen of de ontwikkeling van
uw kind. U kunt de jeugdarts, de jeugdverpleegkundige en de logopedist bereiken
op:
GGD Midden-Nederland
Harmonieplein 121
Postbus 54
3600 AB Maarssen
0346-554890
www.ggdmn.nl
4.6 Activiteiten voor
kinderen naast de lessen
Sportdag
Jaarlijks
wordt voor de kinderen van de middenbouw ( de groepen 3,4 en 5) en de bovenbouw
(de groepen 6,7 en 8) een sport- en spelmiddag georganiseerd.
Kleuterfeest
Voor
de kinderen van de groepen 1-2 wordt tegen het einde van het schooljaar een
feestelijke spel-activiteitendag georganiseerd.
Voor
de kinderen van de groepen 2 die het volgende schooljaar naar groep 3 gaan wordt
er tegen het einde van het schooljaar een pyjamafeest georganiseerd.
Schoolkamp
Met
de kinderen van groep 8 gaan we tegen het einde van het schooljaar 3 dagen op
een schoolverlaterkamp.
Schoolreis
Met
de kinderen van de groepen 3 t/m 7 gaan we 1 keer per jaar een dagje op stap. We
proberen hierbij een activiteit te zoeken die voor alle betrokken kinderen
geschikt is. Lukt dit niet, dan kiezen we ervoor, afhankelijk van de
mogelijkheden, naar twee verschillende bestemmingen te gaan.
Excursies
Afhankelijk
van het lesprogramma - en de mogelijkheden die er zijn - kan een groep eropuit
trekken om buiten de school speciale ervaringen op te doen.
Sporttoernooien
‘De
Kameleon’ heeft ervoor gekozen om
jaarlijks aan een sporttoernooi deel te nemen. Op dit moment is dat het
schoolvoetbaltoernooi (voor kinderen uit de groepen 7 en 8), dat plaatsvindt op
woensdagmiddagen in de maand april.
Kunst
en cultuur
De school neemt deel aan het kunst- en cultuurmenu van Kunst Centraal.
Om het jaar organiseert de school een zangfestival waarbij op een feestelijke avond in een feestelijke omgeving door kinderen - al dan niet in competitieverband - gezongen wordt. Het andere jaar wordt er door een van de groepen een musical opgevoerd.
Elk jaar organiseert de school een feestelijke bijeenkomst. Dit kan bijvoorbeeld zijn: een musical, een zangfestival, een schoolfeest.
Wijze
van vervanging bij ziekte, ADV, studieverlof, scholing
Bij
ziekte, ADV of studieverlof proberen we gebruik te maken van vaste
invalkrachten. Zij kennen de kinderen en onze manier van werken. Als meerdere
teamleden gelijktijdig afwezig zijn moeten we soms een beroep doen op een andere
invalkracht.
Indien
er geen vervangende leerkrachten aanwezig zijn, worden de leerlingen in kleine
groepjes verdeeld over de andere groepen. Hiervoor heeft elke leerkracht voor
zijn eigen groep een noodprogramma klaar liggen.
In het uiterste geval gaat de leerling, na overleg met de ouders, terug naar
huis.
Is er thuis geen opvang, dan blijft de leerling op school onder toezicht.
De inzet van onderwijs- of klassenassistenten
In de lagere groepen kan een leerkracht geassisteerd worden door een onderwijs-assistent.
Daarnaast kennen we tegenwoordig ook de leraar in opleiding (LIO). De LIO is een laatstejaars PABO-student die -betaald door het Ministerie van Onderwijs- gedurende een periode van vijf maanden full-time aan een school verbonden is om zich de laatste kneepjes van het leraarsvak eigen te maken.
Hoe
de LIO wordt ingezet -vast in één groep of in verschillende groepen- wordt in
overleg met de betrokkenen geregeld.
Scholing van leerkrachten
Het
onderwijs is voortdurend in ontwikkeling. ‘De Kameleon’
probeert deze ontwikkelingen te volgen. Regelmatig passen wij (delen van) ons onderwijs aan aan nieuwe inzichten. Daarom
worden wij regelmatig bijgeschoold.
Het komt af en toe voor, dat
er in een groep video-opnames gemaakt worden. Deze zijn bestemd voor de
begeleiding
De
begeleiding en inzet van stagiaires
van PABO’s
Onze
school wil studenten de gelegenheid bieden om daadwerkelijk ervaring op te doen
met het beroep van leerkracht. Door ervaring op te doen leren studenten het
meest. Wij zijn als school van mening dat praktijkervaring essentieel is om na
de opleiding aan de slag te kunnen gaan. Hierom stellen wij onze school dan ook
open voor studenten. Het gaat hier dan met name om studenten van de PABO
(Pedagogische Academie Basis Onderwijs). Dit heeft tot gevolg dat u op school
regelmatig studenten zult zien rondlopen. Vooraf maken wij via de Weekinfo
bekend in welke groepen en op welke dagen studenten komen.
Naarmate
de opleiding van de studenten vordert, zal hij/zij meer taken in de groep gaan
uitvoeren. In de eerste drie jaren van de opleiding is het de bedoeling dat de
groepsleerkracht in de groep aanwezig is wanneer de student lesgeeft. In het
vierde jaar van de PABO geldt een andere regeling. De studenten gaan dan
namelijk WPL-stage doen. WPL staat hier voor Werk Plek Leren. De
groepsleerkracht blijft echter te allen tijde de eindverantwoording behouden.
Dit
betekent dat de student in feite zorg draagt voor de invulling van het
onderwijs, uiteraard in overleg met de groepsleerkracht. De groepsleerkracht is
ook niet meer altijd in het lokaal aanwezig tijdens de door de student gegeven
lessen. De enige uitzondering op deze regel zijn de gymlessen. Tijdens deze
lessen is de groepsleerkracht aanwezig.
De
vierdejaars studenten beschouwen we binnen onze school als een startende
leerkracht, die dan ook de nodige begeleiding krijgt.
Op 8 oktober 2001 is door het
team, de MR en Ouderraad het volgende omgangsprotocol vastgesteld:
|
Onze school is een school waar geloven en culturen elkaar ontmoeten. Kinderen, ouders en leerkrachten met verschillende achtergronden komen samen om met elkaar te werken. Ontmoeting krijgt pas
gestalte in een veilige, geborgenheid biedende omgeving, waarin respect en
verantwoordelijkheid is voor elkaar. Een veilige omgeving ontstaat niet
zomaar. Daar moet voortdurend door iedere betrokkene, kind, ouder en
leerkracht aan meegewerkt worden. Hieronder staan drie
basisregels, die bij naleving meehelpen aan het in stand houden van een
veilig klimaat. Zij beschrijven de waarden, die de achtergrond vormen voor
de omgang met elkaar binnen onze school. Onze school staat voor respect,
verantwoordelijkheid voor elkaar en samenwerking. Binnen de school hebben kinderen en leerkrachten in de groepen samen groepsregels afgesproken. Elke groep bespreekt deze ieder schooljaar opnieuw. In deze regels zijn de drie waarden zonder meer te herkennen. De gezamenlijkheid van de groepsregels leidt tot een schoolprotocol, geldend voor de gehele school. Ook uit dit schoolprotocol zijn de drie leefregels weer af te leiden. |
Hieronder treft u de drie
omgangsregels voor de Kameleon aan.
Wij, kinderen, ouders en leerkrachten hebben als taak de regels in de omgang met
elkaar tot uiting te laten komen.
Iedereen in de wereld heeft het recht om waardig en respectvol te leven, met andere woorden: niet apart maar samen.
Wij, de kinderen, ouders en
leerkrachten hebben in de eerste plaats respect voor elkaar, elkaars
eigendommen, onze omgeving en onszelf.
Verantwoordelijkheid is accepteren wat gedaan kan en moet worden en dat zo goed mogelijk doen.
Wij, de kinderen, ouders en leerkrachten zijn verantwoordelijk voor ons eigen gedrag en voor de afspraken die wij samen maken.
Samenwerken is het werken aan een gemeenschappelijk doel.
Wij, de kinderen, ouders en leerkrachten streven naar een goed evenwicht tussen geven en nemen, met respect voor jezelf en de ander.
| gedraag je bij een ander alleen zoals je het zelf ook wilt | |
| raak een ander alleen aan, wanneer de ander dat goed vindt | |
| we noemen elkaar alleen bij de voornaam | |
| wanneer je merkt dat je boos bent, praat er dan over, lukt dit niet, ga dan naar de leerkracht | |
| het maakt niet uit hoe je eruit ziet; we hebben respect voor ieders smaak/mening | |
| pestgedrag zoals uitlachen, negeren, buitensluiten, dreigen, stoken, dingen afpakken wordt niet geaccepteerd |
§
zomaar klikken mag niet, maar wel
als het om de regels uit het omgangsprotocol gaat
| we proberen zo goed mogelijk te luisteren en op onze beurt te wachten | |
| we denken na bij wat we doen; wat we zelf niet leuk vinden doen we dus niet bij een ander | |
| als we iets zien gebeuren wat “niet kan”, dan doen we daar iets aan | |
| we zorgen er samen voor dat iedereen goed kan opletten en doorwerken | |
| we zijn zuinig op al ons materiaal en op onze omgeving | |
| we houden ons aan afspraken die we maken en zijn daar zelf verantwoordelijk voor |
| samen spelen, samen delen | |
| iedereen hoort erbij | |
| als je samenwerkt moet je geven en nemen | |
| we helpen elkaar, dat betekent: |
· we zien wanneer iemand hulp nodig heeft
· we vragen –indien nodig- zelf om hulp
Het groepsprotocol
Aan de hand van het
schoolprotocol wordt er in alle klassen een groepsprotocol gemaakt.
Het internetprotocol
| Ga nooit zonder toestemming op het internet | |
| Bezoek alleen veilige sites | |
| Geef nooit je naam, adres of telefoonnummer door | |
| Bestanden opslaan of printen: vraag eerst toestemming | |
| Vertrouw je iets niet: waarschuw de leerkracht | |
| Chatten op school mag niet |
Het weblogprotocol
De Kameleon heeft ook een
weblogprotocol. Dit protocol ligt op beide locaties ter inzage.
Veiligheidsplan
Veel van de schoolspecifieke
zaken zijn opgenomen in het Schoolplan 2007-
Inventarisatie documenten
& procedures
De school beschikt over de volgende documenten:
· ARBO-beleidsplan, waaronder de Risico-inventarisatie en -evaluatie
· Ontruimingsplan (wordt jaarlijks aangepast)
· Veiligheidsplan gemeente Maarssen
· Omgangsprotocol leerlingen, ouders en leerkrachten
· De methode “kinderen en hun sociale talenten”
· De catechesemethode “Trefwoord”
· De SOVA-training voor individuele kinderen
· De methode “Ik, jij, wij”
· Het SCOLL – leerlingvolgsysteem voor sociaal-emotionele ontwikkeling
Inventarisatie & analyse
van de situatie op school
Uit de tevredenheidspeiling
onder ouders, leerlingen en leerkrachten in april 2008 zijn geen aandachtspunten
gekomen m.b.t. de fysieke en sociale veiligheid.
Aanpak van schoolspecifieke
punten
Wij vinden het belangrijk om preventief te werken in plaats van curatief. Bovenstaande documenten en procedures vormen daarbij het uitgangspunt.
Communicatie
· Medewerkers worden op de hoogte gehouden via teamvergadering, bouwoverleg en interne mail / mededelingen.
· Ouders via schoolgids, weekinfo en de web-site. De oudergeleding van de Medezeggenschapsraad bij de bespreking van de verschillende beleidsstukken.
·
Leerlingen worden op de hoogte gehouden via de leerkrachten
tijdens de SOVA-training, de jaarlijkse introductie van de vertrouwenspersonen
en de groepen en gesprekken waarbij sociale veiligheid ter sprake komt .
Evaluatie
· Tweejaarlijkse tevredenheidspeiling onder ouders, leerlingen en personeel
· Jaarlijkse klassenbezoeken door directie en intern begeleider
· Evaluatie van de methode “Ik, jij, wij”
· Evaluatie van de SOVA-training, algemeen en per deelnemer
· Evaluatie van de jaarlijkse ontruimingsoefeningen, op school- en complexniveau
· SCOLL-leerlingvolgsysteem
· Evaluatie van het gemeentelijk Veiligheidsplan in het Groot Directieberaad Maarssen
UVL Utrechts Veiligheids Label
De Kameleon is bezig met het verkrijgen van het UVL (Utrechts verkeersveiligheidslabel). Dit Utrechts VerkeersveiligheidsLabel is het Utrechtse kwaliteitskeurmerk voor basisscholen die verkeerseducatie van de leerlingen en verkeersveiligheid rond de school structureel aanpakken. Ook andere provincies hebben een verkeersveiligheidskeurmerk voor scholen.
Een school die het Label wil halen, moet structureel aandacht besteden aan de volgende aspecten:
1. de schoolorganisatie
2. verkeerslessen en –projecten in de klas
3. praktijklessen
4. de schoolomgeving en de school-thuisroutes
5.
communicatie met en betrokkenheid van de ouders
Fysieke veiligheid
De schoolgebouwen en de directe
omgeving daarvan moeten veilige plekken zijn voor kinderen, ouders en
leerkrachten. In het ARBO-beleidsplan, de Risico-inventarisatie en -evaluatie en
in het daarvan afgeleide ARBO-jaarplan wordt aandacht besteed aan dit aspect van
veiligheid. Er is op school een preventiemedewerker/arbo-coördinator. Deze
medewerker ziet toe op de naleving
van de veiligheidsvoorschriften
Voor en tijdens schooltijd wordt, evenals tijdens de pauze(s), geen alcohol en/of drugs gebruikt. Tijdens avondactiviteiten in en van de school is het gebruik van alcohol alleen toegestaan door personen van 16 jaar en ouder.
Basisvoorwaarden:
1. de school is verantwoordelijk en aansprakelijk bij alle schoolactiviteiten waartoe de school het initiatief genomen heeft.
2. ouders begeleiden leerlingen bij schoolactiviteiten onder verantwoording en aansprakelijkheid van school.
3. de school zorgt voor een schriftelijke instructie met een mondelinge toelichting aan de begeleidende ouders
4. de begeleidende ouders dienen zorg te dragen voor het welzijn van de aan hun toevertrouwde kinderen.
5. Bij het vervoer van kinderen dient iedere betrokkene zich te houden aan de vigerende verkeerswetgeving.
6. Alleen die personen die beschikken over een geldige inzittendenverzekering, mogen kinderen namens de school vervoeren.
Een mondelinge toelichting bij schriftelijke instructie
1. voor iedere activiteit met inzet van ouders gelden aparte instructies
2. de instructie dient een duidelijke en concrete invulling te hebben
3. de school maakt de instructies eventueel met behulp van de ouderraad
Hoe te handelen bij incidenten door begeleidende ouders
1. veilig stellen van de eigen groep kinderen
2. zorgen voor het welbevinden van het slachtoffer (slachtoffers)
3. bij interne schoolactiviteiten het aanspreken van het van tevoren aangewezen teamlid van de school
4. bij externe schoolactiviteiten (buiten school en/of buiten schooltijd) het oproepen via mobiele telefoon van het van tevoren aangewezen teamlid van de school
Taken van het ‘calamiteiten teamlid’ van school
1. per activiteit wordt vastgesteld wie het ‘calamiteiten teamlid’ is, dat wil zeggen wie er bij de betreffende activiteit het aanspreekpunt is in geval van calamiteiten.
2. overnemen van het slachtoffer van de begeleidende ouder
3. verzamelen van getuigenverklaringen en hiervan aantekeningen maken, i.v.m. verhaal achteraf
4. op de hoogte brengen van de betrokken leerkracht(en) van de betreffende leerlingen
5. op de hoogte brengen van de betrokken ouders
6. verzorgen van nazorg voor de begeleidende ouder
6.5
Klachtenprocedure
Een
goed, veilig klimaat en goede contacten onderling zijn een voorwaarde voor goed
functioneren. Toch kan er een situatie denkbaar zijn waarin en waardoor een
klacht ontstaat. Er moeten dan maatregelen getroffen worden. Bij klachten van
welke aard dan ook, moet eerst een oplossing gezocht worden tussen beide
partijen. Lukt dit niet dan kan een klacht mondeling of schriftelijk ingediend
worden bij de directeur. De directeur meldt de klacht bij het bevoegd gezag
(schoolbestuur).
De
klager kan zich ook wenden tot de schoolcontactpersoon op onze school.
6.5.1 Wie zijn
/ wat doen
schoolcontactpersonen?
Schoolcontactpersonen
zijn door het bevoegd gezag (bestuur) aangewezen personen. Zij vormen het
meldpunt voor klachten op de school.
Hun
taken zijn:
§
zorg voor de eerste opvang
van de klager
§
verwijzing naar de
vertrouwenspersoon
§ oog hebben voor het effect van de klacht binnen de school
Onze
school heeft twee schoolcontactpersonen:
Sonja
van Enk, bereikbaar op school (locatie Duivenkamp, tel. 567697 of
Zij
zijn de schoolcontactpersonen voor klachten/problemen over:
§
pesten
§
mishandeling
§
discriminatie
§
onheuse bejegening
§
fysiek geweld
§
inbreuk op privacy
§
didactische aanpak
§
pedagogische aanpak
§
organisatorische aanpak
§
ongewenste intimiteiten
De
door het bevoegd gezag aangewezen persoon, die als aanspreekpunt voor de
contactpersoon en/of klager functioneert. Zijn/haar taak is:
§
overleggen met de
schoolcontactpersoon
§
bemiddelen
§
verwijzen
§
ondersteunen bij het
indienen van een klacht
Het
bestuur heeft als vertrouwenspersonen benoemd, conform de klachtenregeling:
De
heer M.J. Jannink
Mevrouw M. van Schaik-van Oostwaard
Mozartlaan
39
Wibautstraat 26
3603
BD Maarssen
3601 XE Maarssen
tel.
0346-576257
tel. 0345-561128
Allen
die deel uitmaken van de schoolgemeenschap, waaronder een leerling, de
ouder(s)/verzorger(s) van een minderjarige leerling, een lid van het
onderwijzend of onderwijsondersteunend personeel, een lid van de directie, een
bestuurslid of een vrijwilliger die werkzaamheden verricht voor de school, die
een klacht, van welke aard dan ook, heeft ingediend bij de
contact/vertrouwenspersoon, de klachtencommissie, de schoolleiding of het
bevoegd gezag.
Ongewenste,
seksueel getinte, aandacht binnen of in samenhang met de onderwijssituatie, die
tot uiting komt in verbaal, nonverbaal of fysiek gedrag.
Dit
gedrag wordt door degene die het ondergaat, ongeacht sekse en/of seksuele
voorkeur, ervaren als ongewenst en onplezierig. Seksueel intimiderend gedrag kan
zowel opzettelijk als onopzettelijk zijn.
Tot
de onderwijssituatie behoort iedereen die bij de school betrokken is, dus ook
hulpouders, conciërges en schoonmakers.
Ons
bestuur heeft het landelijk model klachtenregels ondertekend. Deze regels zijn
op te vragen bij de directeur c.q. vertrouwenspersoon.
Het belang van de betrokkenheid van ouders
Goed
onderwijs is een verantwoordelijkheid van school én ouders. We proberen ouders
zoveel mogelijk bij de school te betrekken. Samen met ouders willen we denken
over en werken aan ons onderwijs.
Inspraak
De
ouderraad
De
ouderraad vormt het bestuur van de oudervereniging. Deze raad wordt gevormd door
een groep ouders, die kinderen heeft op onze school. De ouders worden voor een
periode van 3 jaar gekozen tijdens een algemene vergadering en zijn in principe
herkiesbaar. De ouderraad stelt zich ten doel de samenwerking tussen school en
ouders te bevorderen. De ouderraad zet zich vooral in bij het mede organiseren
van allerlei activiteiten op school, zoals de sinterklaasviering, de
Kerstviering, het kleuterfeest, de organisatie van de schoolfotograaf
enzovoorts. Er is een reglement waarin de wijze van functioneren is vastgelegd.
Dit reglement is opvraagbaar bij de ouderraad. De ouderraad vergadert ongeveer 7
keer per jaar. Bij de ouderraadsvergaderingen is namens het team in ieder geval
de directie vertegenwoordigd.
Medezeggenschapsraad
Onze school heeft een wettelijke verplichting tot instelling van een medezeggenschapsraad (MR), een inspraakorgaan tussen school, ouders en bestuur.
De MR werkt volgens een reglement dat is afgeleid van de nieuwe wet op de medezeggenschap die in 1993 is ingegaan. Zaken die gelden voor alle scholen die vallen onder ons bestuur worden geregeld in de G.M.R. (Gemeenschappelijke Medezeggenschaps Raad).
De
MR bestaat uit 3 ouders en 3 teamleden. Eventuele verkiezingen vinden plaats aan
het einde van het schooljaar.
Klassenouders
Onze
school kent het systeem van klassenouders. Iedere klas wordt vertegenwoordigd
door een ouder. Klassenouders vormen een schakel tussen de klassen en de
ouderraad. De inzet van klassenouders is vooral een praktische: helpen bij
activiteiten in de klas, het mee-organiseren van festiviteiten, vieringen in de
klas enz. Klassenouders vergaderen ongeveer 5 keer per jaar met de directie van
de school.
Wat houdt het klassenouder zijn in?
Gedurende het schooljaar ben je de spreekbuis
Daarnaast heb je ook een signaalfunctie: soms hoor je wel eens iets op de
speelplaats: als je denkt dat dit van belang is, bespreek het met je leerkracht
of met Hans.
Belangrijk:
- eigen initiatief
- actieve houding
-
beetje vooruitdenken richting drukke periodes(Sint, Kerst,
kleuterfeest, pyjamafeest groep 2, einde schooljaar etc.)
wat mag je doen:
- meehelpen met evenementen als Kerst, kleuterfeest etc.
- voorbereiden van feest/eventement bijv. intekenlijsten maken, extra hulp vragen, helpen met klaarzetten van bekertjes, grote kannen etc
- klassenschoonmaak(hulp vragen)
-
meegaan met excursies, evt. extra hulp vragen aan andere ouders
-
zelf vragen of er nog iets te doen is, of zelf
met ideeën komen
Samenvattend:
Wees als klassenouder zichtbaar voor de andere ouders, houd goed contact met je leerkracht en wie weet maak je zomaar vanaf “de andere kant” in de klas een gezellig jaar mee…….
Kadootje voor jezelf én je kind…………………-
Bereikbaarheid
In
verband met onverwachte gebeurtenissen willen wij graag weten waar u eventueel
telefonisch te bereiken bent. Geeft u daarom altijd een telefoonnummer door van
uw werk of van uw oppas, ook aan de “overblijfcoördinator”.
Ouderactiviteiten
Voor bepaalde activiteiten wordt de hulp van ouders gevraagd.
Hulp is o.a.nodig bij:
§ begeleiden bij lezen
§ werken in het documentatiecentrum
§ handvaardigheid
§ het begeleiden van excursies
§ begeleiden bij sport- spel en feestactiviteiten
§ de oud papier actie (OPA)
§
het schoonmaken van meubilair en materiaal.
U
kunt zich opgeven via oproepen die verschijnen in de weekinfo.
Contact en overleg leerkracht en ouders over het kind
Wilt u een gesprek met een van de leerkrachten, dan kan dit altijd. Maakt u even een afspraak voor of na schooltijd. Het kan ook zijn dat de leerkracht een afspraak met u maakt. Dit gesprek kan op school of via een huisbezoek plaatsvinden.
In
hoofdstuk 4.2 en 4.4 staan de contactmogelijkheden tussen school en ouders
verder beschreven.
Ouderbijdragen
De meeste activiteiten op school kunnen worden betaald uit de gelden die de overheid
beschikbaar stelt. Er is een aantal activiteiten, waarvan wij als school vinden dat ze erg belangrijk zijn, maar waarvoor geen vergoeding is. Bij de organisatie en uitvoering van deze activiteiten speelt de ouderraad een belangrijke rol. Om deze activiteiten toch te kunnen organiseren vragen wij aan de ouders een bijdrage van € 42,- per kind. Bij het aanmelden van de leerling is door de ouders toestemming gegeven lid te worden van de Oudervereniging. Dit geeft tevens aan dat zij akkoord gaan met het lidmaatschap van deze Oudervereniging. De inning van deze vrijwillige bijdrage vindt aan het begin van het schooljaar plaats. Jaarlijks legt de penningmeester van de Ouderraad verantwoording af over de besteding van de gelden.
De bijdrage wordt onder meer gebruikt voor:
§ kosten rond vijf december
§ Kerst
§ Pasen
§ 1e communie en vormsel
§ de kosten voor kleuterfeest
§ de kosten voor schoolreis
§ de kosten voor schoolkamp
§ afscheidsherinnering voor groep 8
§ inschrijfgeld teamsporten
§ de kosten van zangfestival/musical
§ de reproductiekosten voor de schriftelijke informatievoorziening aan de ouders.
§
koffie voor hulpouders (onder schooltijd) en ouders tijdens
info-bijeenkomsten en oudergesprekken
Mocht uw financiële situatie een bijdrage niet toelaten, kan er gebruik gemaakt worden van de U-pas die aan te vragen is bij de gemeente Utrecht. Informatie hierover is te verkrijgen bij de schoolleiding/administratie.
Bij inschrijving wordt bovenstaande met de ouder(s) besproken.
Informatievoorziening aan ouders over het onderwijs en de school
Schoolgids
Ieder gezin krijgt eenmaal deze schoolgids.
De gids bestaat uit een algemeen gedeelte en (als jaarlijkse bijlage) een deel dat specifiek betrekking heeft op een bepaald schooljaar. Jaarlijks wordt de inhoud van de schoolgids, na instemming van de Medezeggenschapsraad, opnieuw vastgesteld. Alle ouders ontvangen jaarlijks van de aanpassingen en aanvullingen een bijlage.
Op
onze website vindt u altijd de meest actuele informatie.
Kalender
Ieder
schooljaar krijgt elk gezin een kalender waarop alle belangrijke gebeurtenissen
voor het hele schooljaar vermeld staan. Dit betreft onder meer: vakanties en
vrije dagen, rapportavonden, vieringen, oud papier actie
(OPA), schoolkamp, schoolreis.
Weekinfo
Iedere
dinsdag gaat via het oudste kind uit elk gezin een Weekinfo mee naar huis.
Daarin staat de informatie van de school, de ouderraad en de
medezeggenschapsraad, zowel voor alle ouders, als voor ouders van specifieke
groepen. Ook wijzigingen in de kalender en studiedagen voor het team staan in de
Weekinfo vermeld. Als er naast de Weekinfo nog andere schriftelijke informatie
mee naar huis gaat, gebeurt dit zo mogelijk ook op dinsdag en wordt dit indien
mogelijk in de Weekinfo vermeld. De Weekinfo wordt ook wekelijks opgenomen op de
website (www.kameleon-maarssen.nl
)
Informatieavonden
In het begin van het schooljaar zijn er informatieavonden. Hier wordt u ingelicht over de manier van lesgeven, de methoden en de leerstof. Op zo’n avond kunt u boeken en materialen inzien en met uw vragen komen.
Voor de ouders van de groepen 7 is er in maart/april een informatieavond over het verwijzingsproces naar het voortgezet onderwijs.
Rond
speciale onderwerpen kunnen er in de loop van een schooljaar nog
informatieavonden georganiseerd worden.
Inloopavonden
We
houden twee keer per jaar een inloopavond van 18.00 tot 19.00 uur. Ouders en
leerlingen zijn welkom in alle lokalen om schriften, boeken en ander werk te
bekijken. Het kind is op deze avond de gids voor de ouders.
Op
onze web-site treft u de meest actuele informatie aan over de school en de
activiteiten van de school, de Ouderraad en de MR. Op de Website en de daaraan
gelinkte groepsweblogs komen regelmatig foto’s van (groepjes)kinderen. Wilt u
liever niet dat uw kind op de foto komt die op de website of op de weblog te
zien zijn, dan kunt u dit schriftelijk melden bij de directie.
8.1 Activiteiten ter verbetering van het onderwijs in de school
a.
Regelmatig nemen wij onze leermethoden onder de loep en stellen, waar
wenselijk,
onderdelen bij.
b. Het team wordt begeleid in het verder invoeren van de computer in het onderwijs.
c.
Jaarlijks
volgen de teamleden één of meerdere cursussen ten behoeve van hun eigen
groep,
schooltaken, zorg en de ontwikkeling van het schoolbeleid.
d. Frequent overleg zoals: parallel-, bouw- en teamvergadering.
e.
Interpreteren van de LVS-toetsen en waar nodig het onderwijs aanpassen,
8.2 Zorg voor de relatie school en omgeving
Samen met de basisscholen die vallen onder het bestuur van de Scholenstichting Pastoor Ariëns, proberen we zo veel mogelijk zaken stichtingsbreed aan te pakken.
Wij maken deel uit van het samenwerkingsverband Maarssen, waarin alle basisscholen en de school voor speciaal basisonderwijs “Het Klaverblad” in Pauwenkamp zitting hebben.
Verder werken we onder meer samen met:
§ het Milieu Educatief Centrum (MEC) in Reigerskamp;
§ de afdeling jeugdgezondheidszorg van de GGD West-Utrecht;
§ de bibliotheek in Bisonspoor
§ opleidingsscholen voor leerkrachten basisonderwijs
§ het buurtnetwerk Jeugdhulpverlening Maarssen
§ schoolbegeleidingsdienst Eduniek te Maartensdijk.
§ de Verrijzeniskerk
§
§ de wijkagent
§ scholen voortgezet onderwijs
§ gemeente
9.1 Cijfers over specifieke zorg voor leerlingen
Twee
keer per jaar worden aan de hand van groepsoverzichten over de resultaten van
lezen, spellen, rekenen en sociaal-emotionele ontwikkeling alle groepen
besproken door de groepsleerkrachten en de Intern Begeleider.
|
Aantal leerlingen dat gemiddeld per schooljaar hulp van de remedial-teacher krijgt |
50 |
|
Gemiddeld aantal verwijzingen naar scholen voor speciaal onderwijs en speciaal basisonderwijs per schooljaar |
4 |
|
Aantal leerlingen dat per jaar sova-training krijgt |
6 |
|
Aantal leerlingen van De Kameleon dat gemiddeld besproken wordt in het buurtnetwerk jeugdhulpverlening |
5 |
9.2 Gegevens over vorderingen in basisvaardigheden
Naast de methodegebonden toetsen om de voortgang van het onderwijs aan de leerlingen in beeld te brengen, worden ook de methodeonafhankelijke toetsen van het CITO-leerlingvolgsysteem gebruikt. Bij de kinderen van de groepen 1en 2 worden twee keer per jaar de toetsen “Taal voor kleuters” en “Ordenen” afgenomen. In de groepen 3 t/m 8 worden de toetsen rekenen en wiskunde, spelling, woordenschat, begrijpend- en technisch lezen (groep 3 en 4) afgenomen. Eind groep 7 wordt de entreetoets fagenomen. De resultaten van deze toetsen zijn voor de Inspectie van het Onderwijs aanleiding om onze school op het gebied van de leeropbrengsten een voldoende waardering te geven. De ouders worden twee maal per jaar door middel van een schriftelijk rapportage geïnformeerd over de vorderingen van hun kind.
9.3 Uitkomsten van ouderenquête over de kwaliteiten van de school
De resultaten van onderwijs kunnen we ook afleiden uit de reacties van ouders, leerlingen en personeel. De in april 2008 gehouden tevredenheidsenquête was voor ons een graadmeter om te zien hoe tevreden deze geledingen over onze school zijn. De uitvoering van deze enquête is verzorgd door het Bureau voor Praktijkgericht Onderzoek te Groningen. Wij zijn van plan deze enquête elke twee jaar af te nemen.
We
geven hieronder een aantal aspecten uit de enquête aan:
De
ouders: De enquête geeft een duidelijk beeld van de tevredenheid van de
ouders over de school van hun kinderen. Het
landelijk gemiddelde rapportcijfer dat ouders aan de school van hun kind
geven is 7.5. Voor onze school is dit cijfer een 7.4. In de normering van het
onderzoeksbureau krijgt De Kameleon hiermee de waardering: “ruim voldoende”.
In de enquête scoorde een aantal “pluspunten van de school” hoog, waaronder:
§ mate waarin leraar naar ouder luistert (93%)
§ inzet en motivatie leerkracht (92%)
§ huidige schooltijden (91%)
§ omgang leerkracht met leerlingen (90%)
§ aandacht voor normen en waarden (89%)
§ duidelijkheid van schoolregels (89%)
§ regels, rust en orde op school (88%)
§ veiligheid op het plein (87%)
§ informatievoorziening over de school (87%)
§ vakbekwaamheid leerkracht (87%)
§ informatievoorziening over het kind (87%)
De kritiekpunten die genoemd zijn:
§ hygiëne en netheid binnen de school (48%)
§ speelmogelijkheden op het plein (41%)
§ veiligheid op weg naar school (30%)
§ aandacht voor pestgedrag (19%)
§ omgang van de kinderen onderling (19%)
§
overblijven tussen de middag (16%)
De
leerlingen: De enquête geeft een duidelijk beeld van de tevredenheid van de
leerlingen met hun school. Het landelijk
gemiddelde rapportcijfer dat kinderen aan hun school geven is 8.0. Voor onze
school is dit cijfer een 8.0. In de normering van het onderzoeksbureau krijgt De
Kameleon hiermee de waardering: “goed”.
In de enquête scoorde een aantal “pluspunten van de school” hoog, waaronder: